Is er wel plaats voor ouderen in de gemeente van de 21ste eeuw?

Een noodkreet.
Dit artikel is geschreven naar aanleiding van heel veel berichten die ons bereikte van ouderen mensen. Nagenoeg elke dag mailen mensen ons en regelmatig was er ook een noodkreet bij van een ouder iemand. Mensen vertellen ons dan bijvoorbeeld, al jarenlang een bepaalde kerk of gemeente te bezoeken, soms bijna een heel leven. Maar nu ze op hoge leeftijd zijn gekomen is het voorbij. Daar kunnen vele redenen voor zijn.

  • Bijvoorbeeld omdat ze niet meer zelfstandig er naar toe kunnen gaan en de gemeente doet geen moeite om hen op te halen. Ouderen halen en brengen is lastig en dus een probleem. Alleen als mensen uit eigen initiatief daar mee beginnen wordt het toegejuicht, maar de gemeente zelf geeft daar in ieder geval geen prioriteit aan.
  • Maar er is meer. Ouderen hebben soms ook het gevoel niet meer te passen in de gemeente, vanwege de moderne manier waarop men nu tegenwoordig de erediensten beleefd. Dat wil bijvoorbeeld zeggen, harde muziek, veel gekleurde lichten, rook op het podium, (voor hen) vreemde liederen, heel veel Engelse liederen en men is meestal de taal niet machtig, predikers die niet meer gewoon de Bijbel lezen maar alles digitaal projecteren etc.. Iemand zei ons letterlijk: “de gemeente is voor mij als een jas, vroeger paste die, maar nu niet meer”.
  • Veel ouderen hebben ons gezegd, ‘men wil niet apart’. Natuurlijk zijn er gemeenten waar men speciale bijeenkomsten voor ouderen heeft. Maar het is de vraag of dat het is wat de ouderen onder ons zoeken. Ze willen vooral er gewoon bij blijven horen en niet apart. Dat betekent dat er dus ook rekening met hen gehouden zou moeten worden. Het besef moet door dringen dat we niet compleet zijn als lichaam van Christus, zonder de ouderen. Ook zij zijn door God aan de gemeente gegeven om met hun wijsheid en kennis mee te bouwen aan de gemeente

Vereenzaming van ouderen.
Het gevolg is een geestelijke vereenzaming bij het oud worden en vaak worden mensen ook letterlijk vergeten. Zodra men lange tijd niet meer in de gemeente gezien wordt, raakt men uit de aandacht. Vooral als er geen vrienden of familie leden zijn die ook de gemeente bezoeken en dus niemand de gemeente leiding er attent op maakt.

Dit artikel is geschreven uit grote bezorgdheid. Het zou beslist een zegen zijn als veel geestelijk leiders dit artikel zouden willen lezen. Ik bid dat het een aanzet mag zijn tot bezinning, over de plaats van ouderen binnen evangelie gemeenten in ons land. Soms vertellen ouderen ons, dat ze degene waren die aan het begin van de gemeente hebben gestaan, men heeft financiële offers gebracht en ze zijn dienstbaar geweest in vele taken en activiteiten die er zijn in een beginnende gemeente. Dit artikel is vooral een pleidooi voor erkenning van deze ouderen, als mede-dragers van de gemeente.

Jong is in en oud is uit.
Natuurlijk is deze verandering ook een gevolg van de nieuwe generatie die op komt en die de oude tradities van zich af wil gooien en dingen op hun eigen manier wil doen. Tot voor kort was het algemene gevoelen bij veel jonge geestelijke leiders: “we hebben ons lang genoeg aangepast aan de manier waarop de vorige generatie hun geloof beleefde, het is nu de hoogste tijd dat zij zich maar aan ons aanpassen”.

We hebben het niet altijd in de gaten, maar feitelijk komt ook dit rechtstreeks uit de wereld om ons heen. In onze maatschappij namelijk is ook het overheersende gevoel ‘jong is in en oud is uit’. Ouderen vragen steeds meer zorg, kosten de samenleving steeds meer
geld, hebben meer medische zorg nodig dan jongeren. Vaak ontvangt men naast AOW ook nog een riant pensioen en dat kan in de toekomst wel eens nadelig zijn voor de jongere generatie, want ze eten alles voor ons op. Politieke leiders doen het goed als ze vooral maatregelingen nemen om de kosten van de verzorging van ouderen te beperken. Zoals, maatregelingen om ouderen langer door te laten werken etc..

Natuurlijk is dit niet overal in de wereld zo, al hebben veel mensen daar niet altijd oog voor. In veel landen in de wereld krijgt men al in de opvoeding mee om respect te hebben voor ouderen en ze vooral niet te negeren. Maar in onze westerse samenleving en ook in de evangelie gemeente, denken sommigen daar anders over. Onlangs las ik in een interview dat een bekende voorganger zei: ‘ik ben blij dat onze gemeente voor het grootste deel uit jongeren bestaat en niet uit mensen met grijs haar of mannen met stropdassen’.

Volgens die voorganger zou een gemeente die veel ouderen heeft, het beleid moeten aan passen, want er is dan een probleem. Zo gezien is het feit dat veel mensen tegenwoordig steeds ouder worden en er dus ook in de gemeente steeds meer ouderen gaan komen, eerder een kwaad dan een zegen. Een bekende uitspraak luidt dat bijna iedereen oud wil worden, maar niemand oud wil zijn.

Gemeente van de 21e eeuw.
En ja, het is waar veel historische kerken zien helaas het ledenaantallen flink dalen. Op veel plaatsen worden zelfs kerken afgebroken of krijgen een andere bestemming.
Bijvoorbeeld veranderen ze in een Museum, een exclusief woonhuis, of Moskee. Daar staat dan tegenover de snelle groei van moderne evangelische gemeenten. Deze wordt voornamelijk veroorzaakt door een totale cultuur omslag in de laatste 10 jaar. Jongemensen worden nu aangetrokken door professionele licht- en muziekshow in de samenkomsten. Tevens door preken van voorgangers in spijkerbroek, bij voorkeur over populaire praktische onderwerpen, vooral begeleid door een flitsende mediapresentaties. Men noemt zich gemeente of kerk van de 21e eeuw.

Natuurlijk is dit ook wel weer te begrijpen. We kunnen nu eenmaal niet altijd bij het oude blijven en vernieuwing en ook verjonging is van groot belang, willen we tenminste niet langzaam vergrijzen en uitsterven. Sommige gemeenten in ons land zijn ook letterlijk vergrijst, jongeren verlieten de gemeente omdat men het gevoel had niet gehoord te worden. Waarom niet? Bijvoorbeeld, men zong te veel oude bekende liederen en de predikingen waren saai, d.w.z. niet vol humor zoals veel jongeren vandaag willen. Dat betekent niet dat de predikingen minder gezegend waren, maar het is niet meer modern en dat betekent voor sommigen automatisch, dat het geschikt is om weg te gooien. Iemand zei ons: “als het niet leuk is dan luister ik niet”.

Vandaag zien we nieuw soort grote gemeenten ontstaan, die prima aansluiten aan de behoefte van jongeren. Alles is modern, veel gekleurd licht, harde muziek, veel Engelstalige liederen en andere super moderne zaken. Want de nieuwe generatie is meestal goed opgeleid en daarvoor is dat geen probleem. Oude bekende liederen waar een hele generatie intens door gezegend is, moesten snel plaats maken voor moderne liederen. Dat ging zo snel, dat veel ouderen de tijd niet eens kregen om zich aan te passen. Je moet de nieuwe liederen immers eerst leren en het je eigen kunnen maken. Maar ook dat is niet eenvoudig, want muziekboeken vol met liederen die vroeger harten geraakt hebben, moesten plotseling weggegooid worden. Daarvoor in de plaats kwam o.a. een digitale versie zoals YouTube. Voor veel ouderen is het nog steeds een probleem, ze kunnen niet wennen. Natuurlijk zijn er wel ouderen die het wel aan kunnen en nog behoorlijk snel schakelen en dus de veranderingen wel kunnen volgen. Vaak wijzen jongeleiders daar naar, om maar aan te tonen dat het allemaal wel meevalt en dat ouderen zich wel kunnen aanpassen, als ze maar willen. Maar voor de meerderheid zijn de gevolgen dramatisch.

Maar de gevolgen zijn wel steeds meer zichtbaar.
Mijn vrouw en ik bezoeken heel veel kerken en gemeenten in ons land. Veel ouderen zijn naar ons toegekomen of hebben ons geschreven. Ze vertellen ons vaak in geen enkele kerk of gemeente meer te komen. Als vervanging wordt er naar televisie uitzendingen van kerkdiensten gekeken. Soms gaat men ook naar een aparte samenkomst in de week, waar een ouderling nog wat leest uit de Bijbel en waar nog een paar oude liederen gezongen worden. Maar de gemeenschap met het lichaam van Christus als geheel en het bijvoorbeeld gezamenlijk vieren van het heilig Avondmaal, kent men helaas niet meer. Velen denken er met weemoed aan terug.

In sommige gemeenten werd zelfs openlijk tegen ouderen gezegd, dat ze maar niet meer moeten komen, tenzij men zich nog een beetje kan aanpassen. Of men zegt letterlijk, “luister goed, we zijn nu eenmaal zo en we veranderen niet, dus zoekt u maar naar een andere gemeente”. Daarbij gaat men volledig voorbij aan het feit dat ouderen nu eenmaal niet zo gemakkelijk meer opzoek gaan naar een andere kerk of gemeente en dus nergens meer komen.

Luisteren naar ouderen ligt al helemaal niet voor de hand in onze cultuur. Nooit in de geschiedenis is er in korte tijd zoveel veranderd als in de eeuw die achter ons ligt. Er zijn oudere mensen die de eerste wasmachine nog als een wonder hebben begroet. Die hoorden dat er ooit misschien computers zouden komen. En nu? Als je even niet oplet, heb je een zwaar verouderde computer en ben je niet meer compatible. De tijd gaat hard en ouderen worden in onze samenleving geholpen om zoveel mogelijk mee te kunnen. Maar wel met de bedoeling om ze zelfredzaam te maken, want anders hebben ze steeds weer hulp nodig. Dat nodigt niet bepaald uit om ouderen om advies te vragen. Toch is de wijsheid en de kennis van ouderen voor de gemeente van nu, van groot nut en misschien wel van levensbelang. Feitelijk heeft God jong en oud aan elkaar gegeven. Ouderen verdienen een plaats in ons midden en ook gewoon in de gemeente van de 21e eeuw. Ouderen kunnen de nieuwe generatie o.a. leren, om trouw te blijven aan God, ook in moeilijke omstandigheden. In Titus 2:1-8 staat zelfs dat ouderen een voorbeeldfunctie hebben. Overigens leert de Bijbel ons juist om ouderen te respecteren ze een plaats te geven in ons midden.

Alleen de toekomst is anders.
In tegenstelling aan van men nu denkt, ziet de toekomst er toch heel anders uit, dan wat sommigen verwachten. Waar sommige gemeente leiders volledig aan voorbij gaan is, dat één van de belangrijkste ontwikkelingen in deze tijd is ‘de wereldwijde toename’ van het aantal ouderen. Er is sprake van een ‘dubbele vergrijzing’, ouderen gaan in een zeer korte tijd een hele nieuwe en interessante doelgroep worden. Niet alleen méér mensen worden oud, mensen zullen gemiddeld ook langer leven. Het aantal personen boven 60 jaar in Nederland stijgt de komende jaren, naar 1/3 van de bevolking en dat gaat al heel snel. Deze enorme verschuiving zal naar verwachting een geheel nieuwe verhouding tussen jongeren en ouderen met zich meebrengen in de gemeente.

Deze situatie is beslist een unicum in de geschiedenis. Bij de regering en veel maatschappelijk organisaties, begint het besef langzaam door te dringen, maar helaas nog niet in de gemeente van de Heer.
Tegenwoordig worden we in de wereld om ons heen wel, op vele wijzen gewezen op de gevolgen van deze ontwikkeling. Bijvoorbeeld dat de beroepsbevolking daalt in verhouding tot het aantal mensen dat gepensioneerd is. Dat het aantal eenpersoonshuishoudens zal toenemen en dus de vraag naar kleinere woningen etc.. Er zijn al speciale beurzen en markten voor ouderen, omdat deze groep ook meestal meer te besteden heeft.

De vraag is, in hoeverre staan we als gemeente stil bij de gevolgen van de dubbele vergrijzing, voor de wijze waarop we gemeente (willen) zijn, in de toekomst?

Het zal in ieder geval helder moeten zijn dat, Bijbels gezien ook ouderen deel zijn van het lichaam van Christus. In een Bijbelse gemeente zal dus plaats en aandacht moeten zijn voor alle leeftijdsgroepen en zonder dat kan de gemeente feitelijk niet bestaan. Als we het Bijbels willen doen, zal er dus gezocht moeten worden naar een manier om samen op te trekken, oud en jong.

De ouderen zijn niet allemaal hetzelfde.
Wat ik bedoel te zeggen is, dat er een grote diversiteit bestaat onder ouderen. Vaak hebben we een verkeerd beeld van ouderen. Er wordt ook nog al eens gegeneraliseerd of dat alle ouderen ouderwets en hulpbehoevend zijn. Men spreekt dan gemakkelijk met verkleinwoorden als ‘die oudjes’ of ‘dat lief omaatje of opaatje’. In deze uitspraken liggen beelden over ouderen opgesloten, waarbij men ouderen naar onze overtuiging geen recht doet en zeker als gerekend wordt vanaf 60 jaar. Er is een enorm verschil tussen de volop in het werkzame leven staande 60-plusser en de vitale gepensioneerde of de thuiswonende 80-er die niet meer zo mobiel is of de kwetsbare oudere die vrijwel volledig afhankelijk van zorg is.

Belangrijk gegeven.
In ieder geval zal de groep ouderen boven de 60, die nog een volledige baan heeft en ook nog vol en vitaal in het leven staat, in de komende jaren steeds groter. Als we als gemeente ons alleen maar richten op de jongeren beneden de 30 jaar, dan zullen in de komende jaren steeds meer evangelie gemeenten mensen gaan verliezen.

Ouderen een zegen in een gemeente.
Ouderen kunnen overigens ook een zegen zijn in de gemeente. In Psalm 92:15 staat: “in de grijze ouderdom zullen zij nog vruchten dragen…..” Feitelijk kunnen we geen leeftijdscategorie uitsluiten, de één kan niet zonder de ander. Spanningen tussen jong en oud, de z.g. generatiekloof, zijn zeker niet uitgesloten, maar de verschillen dienen wel te worden gerelativeerd. Uiteindelijk is iedereen afhankelijk van het Hoofd van de gemeente (= Jezus) en van elkaar, want zonder dat zijn we geen lichaam van Christus.

Vooral samen.
Ouderen en jongeren zouden vooral samen moeten gaan nadenken en bidden, hoe b.v. de erediensten in de gemeente te gaan invullen. We zouden ons moeten afvragen op welke manier kunnen jongeren, kinderen en ook ouderen bijdragen aan het programma en niet alleen één bepaalde groep. Bijvoorbeeld over de keuze van de muziek en de liederen in de eredienst op zondag. Er moet zeker ruimte zijn voor andere uitingsvormen in lied, lofprijzing, aanbidding en bijvoorbeeld dans, maar dat moet wel gelden voor jongeren, kinderen en ouderen. Het zou een geweldige overwinning zijn, als we bereid zouden zijn om in een eredienst ook eens een oud lied te zingen, waar ouderen van genieten en door gezegend worden. Een enkele keer komen we het gelukkig nog tegen in ons land. We zijn er zeker niet, door te zeggen dat de ouderen zich maar moeten aanpassen en anders is er geen plaats voor ze in de gemeente. Een gesprek hierover in de gemeente is m.i. daarom hard nodig. Het startpunt moet wel zijn, de bereidheid om te luisteren naar wat jongeren én ouderen elkaar te zeggen hebben.

Een paar opmerkingen om over na te denken voor uw gemeente:

  • Functioneert de gemeente waar u naar toe gaat wel echt als Lichaam van Christus? Dat wil zeggen, kan elk lid (jong en oud) voluit een bijdrage geven in de erediensten.

  • Welke rol en positie hebben ouderen in dit verband? Wordt er ook nagedacht hoe de
    gemeente kan worden opgebouwd door hun inzet, toewijding en geloof? Hebben hun adviezen nog betekenis in de gemeente.

  • Sta erbij stil hoe uw gemeente haar opdracht kan verstaan en daardoor mede invulling kan geven aan Gods belofte voor ouderen:

“Tot in je ouderdom blijf Ik dezelfde,
tot in je grijsheid zal Ik je steunen.
Wat Ik gedaan heb, zal Ik blijven doen
Ik zal je steunen en beschermen.” (Jesaja 46:4).

Misschien heeft u iets meegemaakt en herkent u iets in dit artikel. Als u wilt kunt u ons uw verhaal mailen, u krijgt altijd binnen twee dagen een antwoord. KLIK HIER.

Geplaatst in gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

Geestelijk leiders moeten niet heersen, maar dienen.

Voorgangers, oudsten, pastorale medewerkers, die goede leiding geven zullen in de eerste plaats bezig zijn met het herderlijk begeleiden (ondersteunen) van de leden van de gemeente. Daarin dienen ze de gemeente en volgen ze ook het voorbeeld van Jezus na. Leiders die willen heersen, zijn altijd op zoek naar medewerkers die zonder tegenspraak, bereid zijn hen te dienen. Soms gaat het ook nog gepaard met het vereren van de leider en dat is levensgevaarlijk voor een gemeente.

In de huidige tijd zien we steeds meer leiders opstaan in evangelische kringen, die zichzelf eerder zien als een soort manager van een groot bedrijf, dan als toegewijde dienaren van Gods werk. Ze leiden de gemeente alsof het een commercieel bedrijf betreft, terwijl het dat absoluut niet is, maar levend lichaam van Christus waarvan Jezus het hoofd is. Het feit dat leiders geneigd zijn hun gemeente als een bedrijf te zien, heeft natuurlijk ook te maken met de specifieke gevaren die verbonden zijn aan geestelijk leiderschap, risico’s die speciaal personen in leiderschap lopen. Ze komen als het ware mee met de verantwoordelijkheid en de taak.

Maar het is ook waar dat niet iedereen die meent een leider te zijn, het ook is. De Bijbel zegt dat God ‘sommige’ heeft aangesteld in de gemeente (1 Cor.12:28-31). Het is beslist geen schande als een leider terugtreed uit zijn functie, omdat hij gaandeweg tot de ontdekking komt niet over de juiste bestuurskwaliteiten te beschikken. Dit is in ieder geval veel beter dan te blijven in een taak waar men geen roeping voor heeft, met mogelijke schade voor de gemeente en hem zelf.

We willen hier even kort de eigenschappen bespreken waaraan leiders moeten voldoen.

1. Een geestelijk leider moet geen carrière jager zijn.
De Bijbel zegt in Rom.12:3 “Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.”

Een groot gevaar voor leiders is hoogmoed. Het is het eerste en belangrijkste waar leiders voor moeten waken. Natuurlijk is hoogmoed een ernstig gevaar voor iedereen, maar geestelijke leiders zullen er meer last van te hebben. Zij worden vaak in een positie geplaatst waarin andere hoge verwachtingen van hen hebben. Wanneer een leider bijvoorbeeld door veel mensen bejubeld wordt, omdat hij bepaalde dingen zeer goed doet, komt hij gemakkelijk in de verleiding om op anderen te gaan neer te zien.

Zelfs geestelijk leiders die veel waarschuwen voor hoogmoed, kunnen er toch zelf aan ten prooi vallen, want dit gevaar is vaak veel groter dan men denkt en dus kan het gemakkelijk onderschat worden. Vandaar dat dagelijks gebed en diep buigen voor de Heer, de enige weg voor een leider is om hiervoor bewaard te blijven. Hoogmoed is bij uitstek de manier waarop de duivel een geestelijk leider ten val kan brengen. Want vanuit deze zonde komt nog veel meer voort, zoals leugens, oneerlijke praktijken en schijnheiligheid. Hoogmoed komt voort uit onze zondige natuur en daarom waren we er in ieder geval allemaal bevattelijk voor.

In het bijzonder leiders moeten zich de vermaning van Paulus aan de Corinthiërs voor ogen houden in 1 Cor.3:5: “Daarom, noch wie plant, noch wie begiet, betekent iets, maar God, die de wasdom geeft.”

2. Geestelijk leiders moeten teamspelers zijn.
Twee voorbeelden waarin we zien dat God wil dat leiders teamspelers zijn.

  • Handelingen 6:1-6 beschrijft hoe met het groter worden van de gemeente te Jeruzalem de behoefte aan diakenen ontstaat: er zijn ‘handen’ tekort voor het bedienen van de tafels. De apostelen zien dit in en stellen de voltallige gemeente voor: “Ziet dan uit, broeders, naar zeven mannen onder u, die goed bekend staan, vol van Geest en wijsheid, opdat wij hen voor deze taak aanstellen”.

  • Dit stemt ook overeen met de raad die Mozes van zijn schoonvader Jethro kreeg toen hij van de ochtend tot de avond bezig was om recht te spreken tussen het volk: (Ex.18:21) “Gij moet onder het gehele volk omzien naar flinke, godvrezende en betrouwbare mannen, die winstbejag haten, en hen aanstellen als oversten van duizend, oversten van honderd, oversten van vijftig en oversten van tien”.

Daarom, ook nu moet het werk in de gemeente gedelegeerd worden aan betrouwbare mensen, vol van Geest en wijsheid, het werk kan niet slecht door één persoon gedaan worden. Een leider moet zich dus omringen met bekwame mensen die hem kunnen helpen en adviseren. Maar leiders die niemand naast zich dulden of kunnen verdragen, geven daarmee in feite aan ongeschikt te zijn voor het geestelijk leiderschap.

We zien nogal eens groepen van gelovigen met een leider die zichzelf onaantastbaar is gaan vinden en zelfs absolute gehoorzaamheid eist van zijn volgelingen. Hoewel men soms ook nog de mond vol heeft over Bijbelse principes van verantwoordelijkheden delen en gaven die gelovigen hebben, duldt men in de praktijk toch niemand naast zich. Men mag dan wel meewerken, maar de leider deelt niet het gezag wat hij heeft, dus de verantwoording blijft ten alle tijden alleen bij hem. Dit is dan totaal anders dan wat we in de Bijbel vinden. Mozes werd juist gecorrigeerd door zijn schoonvader Jethro, toen hij de neiging had om alles alleen te doen.

Jezus is tijdens zijn aardse bediening ook direct begonnen om 12 apostelen op te leiden. (Luc.6:13). Hij wist dat de tijd zou komen dat Hij ten hemel zou varen en dat Zijn werk door anderen zou moeten worden voortgezet. Tevens zond Hij zijn discipelen ook uit om de boodschap van het koninkrijk te verkondigen en met zieken te bidden (Luc.9 en 10) en Hij liet ze zelfs toe om mensen te dopen (Joh.4:1). Hij schakelde ze dus werkelijk ook in.

Een van de beste middelen tegen het gevaar om solistisch te worden in geestelijk leiderschap, is direct anderen mee te nemen in de bediening en hen de ruimte te geven zich naast je te ontwikkelen. Natuurlijk zit daar ook een gevaar in, je loopt als leider veel meer risico op rivaliteit en afgunst. Maar tegelijk moet elke leider beseffen dat het werk van God niet het eigendom van de leider is, zelfs al heeft hij aan de basis van het werk gestaan. God is machtig om je als leider te bevestigen en als Hij het niet doet kunnen we beter stoppen en plaats maken voor anderen, want anders is het gewoon mensen werk.

3. Geestelijk leiders moeten ook open staan voor kritiek.
“Daarom, wie meent te staan, zie toe, dat hij niet valle.”( 1 Kor.10:12). Mensen die zich afsluiten voor de mening van anderen, zijn gevaarlijke mensen in het leiderschap. Leiders die zich afsluiten voor kritiek van medewerkers of collega’s in de dienst van God, ervaren kritiek meestal als een aanval in plaats van een mogelijke aanvulling en verrijking. Een van de kenmerken van geestelijk leiderschap is juist het vermogen om Gods leiding te verstaan door middel van de bijdrage die uit de groep om je heen komt.

Door de doop in de heilige Geest heeft iedere christen de inwoning van de Geest Gods in zich. Door de werking van de Geest in ons, kan dus elke gelovige Gods leiding ervaren. Het is m.a.w. geen exclusief voorrecht voor één leider. Om die reden is het juist een zegen als een leider voor opbouwende kritiek open kan staan en er op een geestelijke wijze zijn voordeel er mee doet; uiteraard alleen als kritiek uit de juiste bron voort komt en niet b.v. uit een bitter hart of uit jaloersie.

Maar een leider moet geleerd hebben om te onderscheiden of God spreekt, of dat het uit een andere bron komt. Kritiek mag nooit geuit worden om af te breken en iemand geestelijk omver te halen, maar juist om op te bouwen. Maar.. dit is ook waar: kritiek kun je alleen accepteren als je bereid bent open en eerlijk te zijn als het gaat om de dingen die verkeerd gaan en niet voortdurend bezig bent je eigen fouten zoveel mogelijk te verdoezelen.

Natuurlijk, de leider is geroepen een voorbeeld te zijn, maar hij hoeft niet te pretenderen dat hij de perfectie op aarde is. In het leven van alledag zijn die mensen die denken nooit fouten maken juist niet geloofwaardig. Deze mensen lijken zo ver verwijderd van de strijd die de meesten van ons dagelijks voeren, dat we ons daar niet in herkennen. We kunnen ons veel beter identificeren met iemand die evenals wij, verzoekingen kent en het daar soms moeilijk mee heeft. Een leider komt wel vaker in de verleiding om zijn fouten te bedekken. Daarom kan hij het beste onmiddellijk zijn falen onder ogen zien en vergeving vragen als dat eventueel nodig is. Daarmee zal hij juist nog meer een voorbeeld zijn voor anderen.

4. Een leider moet zoveel mogelijk samenbinden en niet verdelen.
Het is soms beangstigend om te zien, hoeveel verdeeldheid er ontstaat in geestelijk werk door persoonlijke ambitie van leiders. Soms wordt er een klein meningsverschil gevonden om een splitsing te rechtvaardigen, terwijl het in werkelijkheid om een persoonlijk conflict gaat. Feitelijk moet een leider zijn persoonlijke conflicten met iemand kunnen oplossen, zonder dat de gemeente er schade door ondervindt. Het is in ieder geval geen bewijs van geschiktheid als leider, als men gaat lobbyen in de gemeente om mensen achter zich te krijgen. Daarmee ontstaat er verdeeldheid en staan we de eensgezindheid, die van
levensbelang is voor een gemeente, juist in de weg.

Wat is dat: eensgezindheid? Eensgezindheid is een zaak van het hart. Het heeft alles te maken met de manier waarop we in de gemeente met elkaar omgaan. Niet het feit dat iedereen hetzelfde vindt, maakt een gemeente, maar het feit dat iedereen dezelfde gezindheid heeft, namelijk de gezindheid van Christus.

Natuurlijk betekent het niet dat we over alles verschillend mogen denken. Er zijn Bijbelse principes, zoals onze redding door Jezus offer en de waarheid van de Bijbel, welke de basis vormen van de gemeente van de Heer. Daarover mogen we dus nooit van mening verschillen.

Maar.. waar de gezindheid van Christus is, is geen plaats meer voor eigen geldingsdrang. Paulus schrijft: Fil.2:3 “In ootmoed achte de een de ander uitnemender dan zichzelf”. Het uitnemender achten van de ander, is een belangrijk principe in geestelijk leiderschap. Ootmoed is een sieraad voor geestelijke leiders en het bewaart ons voor verdeeldheid. Vandaar dat een geestelijk leider daarin een voorbeeld moet zijn.

Het is van groot belang dat een leider integer is. Weinig zaken hebben de voortgang van het Evangelie meer schade toegebracht dan leiders die niet integer zijn en die integriteit begint in de eigen omgeving.

Het klinkt wellicht wat vergaand, maar toch ontkomen we er niet aan. Voordat iemand als leider kan worden aangesteld, is het van belang om iets te weten over iemands persoonlijke handel en wandel? Want de Bijbel leert ons in 1 Tim.3:2 dat een leider in de eerste plaats van onbesproken gedrag moete zijn en daarnaast: “de man van één vrouw, nuchter, bezadigd, beschaafd, gastvrij, bekwaam om te onderwijzen, niet aan de wijn verslaafd, niet opvliegend, maar vriendelijk, niet strijdlustig of geldzuchtig.”

Een leider, die b.v. in zijn privéleven financiële problemen schept, zal mogelijk ook in de gemeente onverantwoorde bestedingen doen. Een leider die onzorgvuldig is met relaties zal ook in de gemeente brokken maken en emotionele puinhopen kunnen achterlaten. Vandaar dat zijn huwelijk onbesproken moet zijn, m.a.w. in geval van ontrouw wordt hem dat dubbel aangerekend, want hij heeft een voorbeeld functie.

Vaak wordt er gezegd: “ja maar God was koning David toch ook genadig en hij mocht koning blijven, ondanks dat hij in overspel viel”. Dat is wel zo, maar laat ons niet vergeten dat God David verbood om de tempel te bouwen. (1 Kronieken 22:6-16). In geestelijke zin wijst dit erop dat niet iedereen kan meebouwen aan de gemeente van de Heer, die ook gezien wordt als de tempel van God. Soms kunnen mensen vanwege hun levenswandel, niet in het leiderschap van een gemeente staan. Dat wil niet zeggen dat daar een wet of regel voor zou bestaan, nee zeker niet. Maar overspel geeft wel aan dat er iets mis is met het huwelijk en/of de relatie met de Heer. In zo’n geval is men niet (of nog niet) capabel voor een leiders ambt.

De Bijbel zegt ook dat een leider eerst op de proef gesteld moet worden (1 Tim.3:10). Het is dus niet verkeerd om eerst een proef periode in te stellen voordat iemand definitief wordt aangesteld. Te snel iemand aanstellen in de gemeente, is dus niet wat de Bijbel leert.

Hier volgen weer eigenschappen die iets zeggen over de integriteit van een leider.

5. Een geestelijk leider moet niet op geld uit zijn.
Leiders in de dienst van God mogen niet uit zijn op grote winst, met als doel zichzelf te verrijken. Lees de raad die Mozes van zijn schoonvader Jethro kreeg: (Ex.18:21) “Gij moet onder het gehele volk omzien naar flinke, godvrezende en betrouwbare mannen, die winstbejag haten, en hen aanstellen als oversten van duizend, oversten van honderd, oversten van vijftig en oversten van tien.”

Een dienaar van God heeft een voorbeeld functie in de gemeente van de Heer en dient daarom beslist geen overdreven luxe leven te leiden. Luister naar wat Paulus zegt in 1 Tim. 6:7-10 “Als wij echter voedsel en kleding hebben, zullen wij daarmee tevreden zijn. Maar wie rijk willen worden, vallen in verzoeking en in een strik en in veel dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang. Want geldzucht is een wortel van alle kwaad. Door daarnaar te verlangen, zijn sommigen afgedwaald van het geloof, en hebben zich met vele smarten doorstoken.”

Is het dan verkeerd om van je geld te genieten? Beslist niet. Het is een misverstand dat de God van de Bijbel een zuinige en karige God is, die het ons niet gunt dat we genieten en die, als wij iets leuk vinden, bedenkelijk gaat kijken. Nee zo is het niet, een evangelie dienaar hoeft zeker niet arm te zijn, maar het is absoluut onjuist als men rijk wordt van de giften van mensen.

Leiders mogen ook de inkomsten (c.q. vergoedingen) uit hun evangelie werk, zeker niet als een soort bijverdienste zien en nog minder, als een manier om rijk te worden. De giften van mensen zijn daar zeker nooit voor bedoeld geweest, want ze zijn als aan God gegeven. Het zijn liefde offers van mensen, die bedoeld zijn om hen een normaal bestaan te kunnen geven en niet om een overdadig en weelderig leven te kunnen gaan leiden.

Leiders in de gemeente maken geen winsten, zoals ondernemers van bedrijven. Ze zijn zelfs in het geheel niet te vergelijken met zakenmensen in de wereld, die door slim zaken doen grote winsten maken en dat geldt ook niet voor leiders met een grote gemeente of bediening. In ieder geval zal elke dienaar van God ook wat dit betreft, rekenschap moeten afleggen bij God.

Sommige leiders in het evangelie, menen echter ‘recht’ te hebben op een hoge positie en op een daarbij behorend hoog salaris plus een zeer ruime onkosten vergoeding. Ze zien zichzelf als een soort directeur en beroepen zich op de roeping van God. De gemeente wordt in de Bijbel echter genoemd het lichaam van Christus, Jezus is de enige top manager. Een gemeente leider heeft ook hierin een voorbeeld functie in de gemeente, om te dienen en niet eerst aan zichzelf te denken. Daarom is het zeer noodzakelijk voor een dienaar van God om ook hierin te sterven aan zijn ego en te winnen aan nederigheid.

Denk erom, geldzucht is levensgevaarlijk voor een leider. In een grondtekst van 1 Tim.6:10 staat feitelijk : “Want de wortel van alle kwaad is de liefde voor geld; door daaraan toe te geven zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben zij zichzelf doorboord met vele smarten.”

6. Een leider moet in zijn huwelijk en gezin, een voorbeeld zijn.
Paulus zei in Efeziërs 5:25: “Mannen, hebt uw vrouwen lief!” Als het gaat om leiders moeten zij ook hierin een voorbeeld zijn voor de gemeente. Een geestelijk leider geeft aandacht aan zijn vrouw. We hebben leiders nodig die zo nu en dan niet bereikbaar zijn omdat ze tijd met hun vrouw moeten doorbrengen. Mannen die niet vervallen in de gewoonte om hun vrouwen uit te lachen en op hun plaats te zetten met kleine nonchalante opmerkingen in het publiek.

Want wat helpt het als we grote aanhang hebben in de gemeente, de mensen blij met ons zijn en dit gaat ten kostte van ons relatie thuis? Leg dus de krant of tablet eens neer en zet de televisie of computer uit en praat eens samen. Doet men dat niet, dan kan al het succes als leider op een dag thuis in een complete mislukking uiteenspatten.

Voordat een leider een gemeente kan besturen, zal men eerst in huwelijk en gezin bewezen moeten hebben een leider te kunnen zijn. Lees 1 Tim.3:4,5 een leider moet zijn “..een goed bestierder van zijn eigen huis, die met alle waardigheid zijn kinderen onder tucht houdt; indien echter iemand zijn eigen huis niet weet te bestieren, hoe zal hij voor de gemeente Gods zorgen?”

Dat geldt natuurlijk voor iedere echtgenoot maar in het bijzonder voor een leider. Iedere man is namelijk het hoofd van zijn huwelijk en gezin, d.w.z. dat God hem als eerste verantwoordelijk stelt voor ´t welslagen van het huwelijk. Deze verantwoording houdt in dat een man de houding van Christus in zijn huwelijk moet aannemen, dat wil zeggen een dienende houding. (Ef.5:25 en Joh.13:14,15) Een heerszuchtige en tirannieke houding van een man, is dus absoluut tegen de Bijbel.

In 1 Petr.3:7 staat dat mannen verstandig moeten leven met hun vrouwen, als met broos vaatwerk: “..Desgelijks gij mannen, leeft verstandig met uw vrouwen, als met brozer vaatwerk en bewijst haar eer, …opdat uw gebeden niet belemmerd worden”, m.a.w. mannen moeten rekening houden met het meer gevoelige karakter van de vrouw en hun vrouwen niet beledigen of naar beneden halen, er staat ‘..bewijs haar eer’. Doen we dat niet, dan zal het ons gebedsleven in de weg staan, er staat ‘opdat uw gebeden niet belemmerd worden’. Dus onze houding in huis heeft rechtstreeks te maken met ons geestelijk kontakt met God.

Een leider zal zijn kinderen ook trachten op de voeden naar Bijbelse maatstaven. Het klinkt niet modern, maar toch weten we uit het Woord van God dat er een duidelijk verschil is in gezag en verantwoordelijkheid tussen de ouders en het kind (Lees Efeze 6:1 en 2). Uiteindelijk komt elk gezag bij God vandaan en de basiswet bij God is: er is geen vrijheid zonder gebondenheid. Kinderen willen graag vrij zijn, maar deze vrijheid is een schijn vrijheid. Het lijkt vrij maar het leidt soms tot wetteloosheid of losbandigheid. Echte vrijheid is “gehoorzaam” willen zijn aan God. Een leider is zich hiervan terdege bewust.

7. Een geestelijk leider moet merkbaar vervuld zijn met de heilige Geest.
Je kunt aan geestelijk leiders zien of ze in relatie met de Heer leven en van Hem ontvangen. Vandaar ook dat niemand zichzelf hoeft aan te prijzen, de heilige Geest zal mensen aanwijzen, ze worden vanzelf zichtbaar door de werking en de vrucht van de heilige Geest.

Handelingen 6:1-6 Stellen de twaalf apostelen de voltallige gemeente voor: “Ziet dan uit, broeders, naar zeven mannen onder u, die goed bekend staan, vol van Geest en wijsheid, opdat wij hen voor deze taak aanstellen”.

Vol van Geest spreekt over meer dan de inwoning van de heilige Geest (vanaf de wedergeboorte) maar over vervulling met de heilige Geest. Inwoning duidt op permanente
aanwezigheid, vervulling duidt op een gebeurtenis waarbij iemand VOLLER wordt van Gods Geest. Dit laatste wordt ook wel doop in de heilige Geest genoemd. In de Griekse grondtekst staat letterlijk doop IN de heilige Geest (Handelingen 11:16)

Vervuld WORDEN met de Heilige Geest betekent ook dat de heilige Geest op een bepaald moment MEER RUIMTE krijgt dan voorheen en krachtiger wordt ervaren. We hebben het dan over een soort geestelijke doorbraak. Bij iemand die vol is van Gods Geest heeft Gods Geest de ruimte om actief aanwezig te zijn, om in en door de gelovige te werken. Bij iemand waar Hij alleen in het hart woont, is zijn aanwezigheid maar nauwelijks merkbaar in zijn leven. Dat is dus het verschil tussen inwoning en vervuld zijn: passieve of actieve aanwezigheid van Gods Geest in de gelovige.

Het verschil tussen inwoning en vervulling met Gods Geest werd eens afgebeeld met het kruikje nardusolie waarmee Maria de Heer Jezus zalfde kort voor zijn lijden en sterven. VOOR de zalving rook niemand iets, omdat de zalfolie in de dichte kruik zat. Pas toen ze de hals van de kruik had gebroken en de zalfolie over Hem heen goot, werd de kamer vervuld van de geur (Marcus 14:3).

Bij veel gelovigen moet er eerst een doorbraak in hun leven komen en moeten barrières worden verwijderd voordat de heilige Geest hun bewuste leven kan binnenstromen. Maar dit moet reeds hebben plaats gevonden in het leven van een geestelijk leider.

Voor advies kunt u ons ook mailen, u krijgt altijd antwoord. Klik hier

Geplaatst in Actueel, geestelijk leiders, gemeente, Hoogmoed, manipulatie | Tags: , , | 1 reactie

Pornoverslaving onder geestelijk leiders is levensgevaarlijk.

Het neemt steeds grotere vormen aan. Momenteel krijgen wij elke dag e-mails binnen, zowel van mannen als van vrouwen, getrouwd en single, tieners en volwassenen, die vooral worstelen met pornografie, cyberseks en andere seksuele verslavingen. Het is beslist verontrustend, want het neemt in de laatste jaren steeds meer toe.

De gevolgen zijn verschrikkelijk. Relaties, huwelijken en gezinnen dreigen vaak kapot te gaan door de verslaving aan dergelijke seksuele zonden. Maar ook geestelijk werk heeft er onder te leiden, soms gaat een hele bediening er aan ten gronde. Ten einde raad vragen sommigen ons om advies vanuit de Bijbel. Het voordeel is natuurlijk dat men dan anoniem kan blijven en met het advies ook weer kan doen wat men wil.

Leiders worden meer aangevallen.
De duivel zal er alles aan doen om de gemeente van Jezus Christus onderuit te halen. Hij begint daarvoor bij de leiders, omdat hij weet dat als de leider faalt, heeft dit een schadelijk effect op de gemeente. Leiders moeten een model zijn voor de gemeente, wat zij doen zal altijd invloed uitoefenen op de gemeente. Onreine demonen vallen daarom juist degene aan waar de mensen naar op kijken, zij zijn het voorbeeld voor de gemeente en dat betekent dat als zij falen de gemeente wordt beschadigd. Maar een geestelijk leider is natuurlijk ook een gewoon mens die worstelt met dezelfde problemen als ieder ander gemeentelid, ze hebben dezelfde strijd te strijden als iedereen. Leiderschap maakt een mens niet immuun, maar juist kwetsbaarder. Maar, de druk is wel groter, de geestelijke strijd intenser, de belangen ook groter.

Het is beslist goed om de overwinnende boodschap van de Bijbel te lezen en je eigen te maken, b.v. Romeinen hoofdstuk 8, maar… laten we vooral niet vergeten dat er nog meer in de Bijbel staat. Bijvoorbeeld in het hoofdstuk daarvoor te lezen hoe zwak Paulus zich soms ook voelde, dus hoofdstuk 7:21-25. Hij zegt het gewoon eerlijk en gelukkig maar, want dat helpt ons. Daar zegt hij het volgende:

“Zo vind ik dan deze regel: als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig; want naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet Gods, maar in mijn leden zie ik een andere wet, die strijd voert tegen de wet van mijn verstand en mij tot krijgsgevangene maakt van de wet der zonde, die in mijn leden is. Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods? Gode zij dank door Jezus Christus, onze Here!”

Hier geeft Paulus gewoon aan dat ook hij nog zwak kan zijn en dat er zelfs strijd geleverd wordt in zijn binnenste. Wat wij allemaal nodig hebben is genade van God elke dag opnieuw, vergeving, rust en vertrouwen dat Hij het in ons leven kan doen. Het is veel beter eerlijk te zijn tegen God, tegen elkaar in de gemeente, in je huwelijk, in je gezin. Want dan hebben we ook gelegenheid om voor elkaar te bidden en vooral naast elkaar te gaan staan en niet elkaar te veroordelen omdat we nog niet volmaakt genoeg zijn, want we verschillen feitelijk nauwelijks, al lijkt het aan de buitenkant soms zo.

Satan richt al zijn pijlen op een leider.
Daarom voor geestelijk leiders geldt in het bijzonder dat, alleen door in een nauwe relatie met Jezus te leven, kunnen we aan dat demonen-leger ontkomen. In de huidige tijd heeft men steeds meer moeite, als we het hebben over demonen die ons aanvallen, omdat we zo graag alles met ons verstand willen uitleggen en dit is iets wat ongrijpbaar voor ons is. Maar als we de Bijbel lezen dan wordt ons duidelijk dat voor de Heer Jezus boze geesten een realiteit waren. Hij wordt zelfs verzocht door de satan persoonlijk (Matt. 4:1-11 ) en we lezen ook dat boze geesten verschrikkelijke dingen deden met mensen (Marc. 5:2-5 ).

Pornografie is zonde.
Laten we de zonde nooit goed praten, God accepteert seksuele zonden niet en het is beslist een belemmering in onze relatie met de Heer. Daarbij komt dat een dienaar van God niet zomaar door kan gaan in zijn of haar bediening, terwijl er nog sprake is van bewuste zonde op het vlak van onreinheid. God wil dat het werk van God gedragen wordt door geheiligde mannen en vrouwen. Porno staat de volmaakte uitwerking van Gods plan met uw bediening en roeping in de weg. Ongehoorzaamheid aan God belemmert zijn plan met uw leven. Een boom die zijn wortels uitslaat naar giftig, water, zal ziek worden. Een verziekte boom zal geen goede vruchten dragen. God heeft u geroepen om een boom te zijn, die zijn wortels uitslaat naar zuiver water, zodat u een gezonde, sterke boom bent. Kies ervoor om een zuiver kanaal van God te zijn, alleen dan kan Hij een machtig mooi plan met uw leven vervullen. Als we ons overgegeven aan pornografie, dan plegen we Bijbels gezien zelfs overspel. De oudtestamentische wet leert dat het verkeerd is seksuele omgang te hebben met een ander dan de eigen man of vrouw (Ex. 20:14). Maar Jezus leert ons ook dat het verlangen, de gedachte alleen al, naar seks met een andere man of vrouw al verkeerd en dus zondig is (Matt. 5:27-28). Jezus benadrukt dat als de daad verkeerd is ook al het voornemen tot die daad verkeerd is, want ook hiervoor geldt, voorkomen is beter dan genezen. Wanneer je je man of vrouw dus lichamelijk wel trouw bent, maar geestelijk niet trouw bent, breek je feitelijk al het vertrouwen af dat zo essentieel is voor een hecht huwelijk.

Inderdaad, Jezus gaat veel verder dan veel mensen vandaag. Hij zegt dat vreemd gaan vaak al begint met onze ogen. De manier waarop iemand naar een andere man of vrouw kijkt kan al het begin van overspel zijn. Vooral wanneer men in gedachten toegeeft aan fantasieën over een relatie met die andere man of vrouw. Het is dus veel minder onschuldig als het lijkt en zeker geen spel.

Pornografie is altijd verslavend.
Pornografie en andere seksuele zonden hebben een sterk verslavend effect op de mens, die vergelijkbaar is met drugs. Sommigen mensen maken zich wijs het zelf te kunnen beheersen en dat het daarom voor hun feitelijk niet verslavend hoeft te zijn, maar dat is een fabeltje en fabeltjes zijn verhaaltjes die gewoon niet waar zijn. We vergeten dan vaak dat achter elke onreine zonde een onreine demon staat en als die je eenmaal in zijn greep heeft, is het moeilijk om er nog weerstand aan te bieden, u bent immers zijn gevangene geworden. Vooral als u steeds weer in deze zonde vervalt, ondanks het verlangen om ermee te stoppen, dan heeft u er gewoon geen controle meer over en u bent dus verslaaft. Door dit gewoon toe te geven is de eerste stap gezet in de richting van bevrijding.

U heeft dus altijd Gods hulp erbij nodig, want het is een feit dat het onmogelijk is om er in eigen kracht van af te komen. Het is zelfs zo dat God niet kan werken om u te bevrijden, als u nog steeds bezig blijft om de zonde geheim te houden en zelf te proberen die te overwinnen. Het is altijd beter om tevoorschijn te komen, God om vergeving om bevrijding te vragen en vooral eerlijk te zijn tegen de mensen om u heen, ook dat is je vernederen, maar God zal ons weer verhogen, als we eerst maar diep willen buigen. Wat zegt de Bijbel: “Vernedert u dan onder de machtige hand Gods, opdat Hij u zal verhogen te zijner tijd. Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.” (I Petrus 5:6-7).

Een vertrouwenspersoon.
Geestelijke leiding geven is een grote verantwoordelijkheid. Of dat nu aan een kleine of grote groep is, het principe blijft hetzelfde. Daarom moet de leider als eerste een oor ontwikkelen om naar God te luisteren. Maar hij moet ook leren om te luisteren naar andere leiders en zelfs naar hen aan wie hij leiding geeft.

Het is absoluut belangrijk om als geestelijk leider een vertrouwenspersoon of personen te hebben. In feite heeft iedere leider iemand (of meerdere personen) nodig voor gebed, advies, bevestiging en ondersteuning. We kunnen het niet alleen, we hebben ook raadgevers nodig, mensen die ons af en toe een spiegel kunnen voorhouden, maar die ook onze roeping en bediening bevestigen. Om die reden heeft God de gemeente ingesteld, we zijn samen lichaam van Christus en niet één persoon alleen.

We kunnen wel zeggen door God geroepen te zijn, maar bevestiging is ook nodig, doordat anderen die ook vervuld zijn met de Heilige Geest, dit ook zo zien. Op dezelfde manier werd b.v. ook de roeping van de profeet Samuel door heel Israël erkend (1 Samuël 3:19). Paulus had ook mensen om hem heen in zijn bediening, lees maar eens de lijst met namen die hij opnoemt in bijvoorbeeld Rom. 16.

Dit wordt natuurlijk extra belangrijk als we in zonde vallen. Dan heeft u zeker iemand nodig waar tegen u open en eerlijk alles kunt opbiechten, om daarna samen naar de Heer te gaan en de zonde te belijden (Jak. 5:16). We hebben dan bevrijding nodig van onreine demonen die ons binden en waardoor we steeds weer in dezelfde zonde vallen. Zo’n vertrouwenspersoon die met ons bidt, moet daarom iemand zijn die vervuld is met de heilige Geest en geestelijke onderscheiding bezit. Zorg er in dit geval wel voor dat zo’n vertrouwenspersoon iemand is van je eigen sekse.

Natuurlijk, het is goed te begrijpen, dat het erg zwaar is om zo’n geheim aan iemand anders toe te vertrouwen. Toch is het noodzakelijk. God eist meer van herders (niet minder) en Hij houdt hen zelfs meer verantwoordelijk. Vraag God u te leiden in de keuze van een vertrouwenspersoon. Verneder u, als u tenminste echt genezen wil.

Koning David zondigde diep, hij viel in overspel. Ook dat was een gevolg van porno, want hij zag Bathseba die aan het baden was (2 Sam.11:2). De zonde van David wordt soms als excuus gebruikt omdat hij koning bleef in Israël, ondanks zijn falen. Maar laten we niet vergeten hij vernederde zich wel voor God en beleed zijn schuld (Psalm 55), hij verborg zijn zonde niet en God was hem genadig. Daarbij stond God David later niet toe, dat hij de tempel zou bouwen (1 Kron. 22:8). Sommigen verstaan hieruit dat leiders die in overspel vallen, niet langer in een bediening kunnen staan om de gemeente te helpen bouwen (Lees Efeze 4:11).

Wanneer je nu denkt verslaafd te zijn aan porno en je leest dit artikel, mail ons dan gerust. Heel vaak hebben mensen die met ons contact opnamen hun probleem nog nooit aan niemand durven te vertellen. Bij ons kun je gewoon anoniem blijven en je verhaal is bij ons beslist veilig.

Als je denkt vast te zitten in een seksuele verslaving, willen we je graag wat advies geven die ook anderen hebben geholpen op de weg naar bevrijding. Hier volgen al vast wat aanwijzingen.

1.Erken je zonde, wees eerlijk tegenover je zelf.
Als er een seksuele verslaving is in je leven, dan is de eerste stap naar bevrijding om het gewoon toe te geven en het niet goed te praten.

Hoe weet je nu dat je verslaafd bent? Wel als je steeds weer in dezelfde seksuele zonde vervalt, ondanks dat je verlangt om ermee te stoppen, dan heb je er geen controle meer over en ben je dus verslaafd. Je zit aan de ketting en je hebt bevrijding nodig.

Vraag jezelf het volgende eens af: Fantaseer ik vaak over seks? Bezoek ik regelmatig, pornosites op internet? Misschien bekruipt je vaak de gedachte dat je dit eigenlijk helemaal niet wil. Het liefst zou je er mee stoppen. Als je dit patroon in je leven herkent, moet je op dit moment aan de noodrem trekken. Je hebt te maken met onreine demonen die bezig zijn je meer en meer in hun macht te krijgen.

Seksuele verslavingen komen nooit zomaar uit de lucht vallen. We zitten niet opeens middenin zo’n gebondenheid; we zetten de deur daar altijd zelf naar toe open. Heel vaak is het een lang proces in ons leven, waarin we ons steeds verder voor de zonde openstellen. Op het moment dat we dan daadwerkelijk in de verleiding komen, is het moeilijk om nee te zeggen. Erken dus dat het zo is en draai er niet meer omheen, want dat is de eerste stap in de richting van bevrijding.

2.Wees ook open en eerlijk naar anderen.
Ofschoon het begrijpelijk is dat je je schaamt voor de zonde waar je in beland bent, moet je hierdoor niet in de val lopen van de satan, die die schaamte misbruikt als een wapen om je in de val te lokken. Stiekeme dingen doen is een van de grootste vijanden van een Christen, terwijl juist het belijden van je zonde vrijheid kan brengen en bevrijding uit de slavernij van een groot schaamtegevoel. Mensen die in de bediening staan, doen er het beste aan om eerlijk te zijn tegenover de gemeente die men dient.

In een betrouwbare relatie kies je een vertrouwenspersoon, waar je open en eerlijk tegen kunt zijn over je verslaving. Natuurlijk is het te prefereren dat je een discreet persoon uitzoekt met een zekere mate van geestelijke volwassenheid, iemand die met Christus wandelt en een pastorale en niet veroordelende geest bezit, iemand die ook met je kan bidden. Als je zelf namelijk niet door gebed vrij kan komen van demonen, dan hebben we hulp nodig van iemand die vervuld met de heilige Geest en demonen met autoriteit kan gebieden los te laten. Er is in ieder geval altijd bevrijding mogelijk, want satan is overwonnen op het kruis door Jezus. Zodra we in geloof weerstand bieden zal hij moeten vertrekken. De Bijbel zegt in Jac.4:7 “..biedt weerstand aan de duivel en hij zal van u vlieden”.

3. Belijd je zonden.
De derde stap is om je zonde voor God te belijden en de strijd aan te gaan, uiteraard met kruisknielende hulp van de Heer. Bidt de Heer om kracht, geloof dat Hij je gaat helpen en handel er ook naar. Ga in ieder geval niet zitten afwachten of God iets gaat doen, maar biedt weerstand aan de zonde.

Feitelijk bent je in een geestelijke strijd gewikkeld, maar laat de duivel met zijn demonen het niet winnen in je leven. Demonen komen binnen in ons leven doordat wij de zonde eerst zelf toelaten. Daarmee openen we de deur voor satan. Daarom zegt de Bijbel ook dat we radicaal moeten breken met zonde. Jezus zegt het zo: ‘En indien uw oog u tot zonde verleidt, trekt het uit, en werpt het van u! Het is u beter, maar één oog hebbende, tot het leven in te gaan, dan twee ogen hebbende, in het helse vuur geworpen te worden.’ (Mat. 18:9).

Natuurlijk is dit geestelijk bedoeld, namelijk ‘wees radicaal als het gaat om zonden’. Onze plicht is niet alleen om de verleiding te weerstaan, maar nog beter is om er van weg te rennen. Als je op dieet bent, moet je geen bakkerij binnenstappen. Als je seksueel rein wilt blijven, blijf dan weg van tijdschriftrekken, videowinkels, advertenties, websites met onreine inhoud. Ga niet naar mensen of plaatsen die jou tot zondige begeerten zullen prikkelen. ‘Vlucht weg van seksuele onreinheid!’ (1 Kor. 6:18). Als jouw internetaansluiting de aanleiding is om telkens weer pornografie te bekijken, moet je er een filter op zetten of anders internet van je computer halen en je abonnement opzeggen.

Een verandering in je gewoonten kan wonderen doen om je uit de verleidingen te houden. Bijvoorbeeld, als je het meest in de verleiding kom als je achter je computer zit, nadat je vrouw naar bed gegaan is, neem dan het besluit om in die tijd bij de computer vandaan te blijven.

Behoed uw hart boven al wat er te bewaren is (Spreuken 4:23). Laat de demonische wereld je gedachten leven niet beïnvloeden (Ef. 6:12-20). Als je je overgeeft aan zondige fantasieën en het najagen van genot, word je er een slaaf van (Rom. 6:16).

We moeten onreine gedachten daadwerkelijk afweren, anders zetten we de deur open voor onreine demonen. Vroeg of laat leggen ze beslag op ons leven en zijn we slaven geworden. Het overkomt ons echter niet vanzelf, we laten het altijd zelf gebeuren.

Natuurlijk kunnen we niet alle seksuele prikkels vermijden, maar we kunnen wel voorkomen dat ze wortel gaan schieten. De sleutel daartoe is dat we onze harten en gedachten richten op dat wat goddelijk en rein is en de zonden afwijzen. Daarin moeten we radicaal zijn. Vraag Jezus om je te helpen een leven van reinheid te gaan leiden. Geef toe dat je deze verslaving niet zelf kunt overwinnen in je eigen kracht, maar dat je Gods kracht daarbij nodig hebt.

Misschien heb je nog meer advies nodig, mail ons gerust, je krijgt altijd antwoord: KLIK HIER

Geplaatst in Bevrijding, demonen, geestelijk leiders, leiders, Porno, Pornografie, Seksualiteit, seksverslaving, Verslaving | Tags: , , | 1 reactie

De belangrijke les die we van Maarten Luther kunnen leren.

(2017) Het is 500 jaar geleden dat Maarten Luther zijn beroemde 95 stellingen op de deur van de slotkerk te Wittenberg spijkerde.  Een gebeurtenis die de wereld van die tijd veranderde. Hoe is hij daar zo toe gekomen?  Wel, een aantal gebeurtenissen hebben daar aan bijgedragen.

Bijvoorbeeld, Maarten Luther had na zijn intrede in het klooster een bedevaart gemaakt naar Rome en toen de bekende Pilatus-trap beklommen. Men noemde deze trap de heilige trap, omdat dit de trap geweest zou zijn die Jezus heeft beklommen, nadat Hij gegeseld was en voor Pilatus moest verschijnen. Men had deze trap helemaal vanuit Jeruzalem naar Rome gebracht. De toenmalige Paus verkondigde, dat ieder die deze trap op zijn knieën opklom, een aflaat ontving. Dat wil zeggen dat men dan van God kwijtschelding ontving voor al zijn begane zonden.

Luther had die trap dus ook beklommen op zijn knieën, in zijn zoektocht naar geloofszekerheid. Maar de pijn in zijn knieën bracht hem niet de zekerheid dat zijn zonden nu vergeven waren en daar begon de verandering. God liet hem zien dat we Gods genade nodig hadden en dat we bij God niets kunnen bereiken door eigen prestatie. Ook wij hebben Gods genade elke dag  weer opnieuw nodig.

Hebben we de les geleerd?
Helaas, nog steeds leeft er een hardnekkige gedachte, onder veel christenen, dat we op de één of andere manier, zelf iets moeten presteren om God in beweging te krijgen. We denken soms, dat ‘lang’ bidden en vooral ‘heel lang’ vasten, door God extra wordt beloond. Hoe langer je het volhoudt, liefst tot je aan het eind van je krachten bent, hoe fijner God dat vindt. En ook, uren in de Bijbel lezen heeft meer effect dan iedere dag 10 minuten, of in de nacht bidden heeft meer uitwerking bij de Heer, dan gewoon maar overdag en zo zijn er nog meer voorbeelden. Maar feitelijk zijn dit alleen onze eigen gedachten en zeker niet Gods gedachten. Het is ook een vorm van zelfkastijding, we worden als het ware weer onder een soort wet geplaatst en dat terwijl Jezus ons er nu juist van had bevrijd.

Mensen komen daardoor soms in een enorme kramp terecht, omdat men het gevoel heeft het nooit goed genoeg te doen. Daarom gaat men nog meer dingen doen, in een poging om God gunstig jegens ons te stemmen. Nog maar meer bidden, nog meer in de Bijbel gaan lezen, aan nog meer evangelische activiteiten mee doen, terwijl we het al zo druk hebben. Want we denken, dat is de manier om gezegend te worden door de Heer en vooral ook om uiteindelijk heiliger of geestelijker worden.

Heel vaak horen we van mensen die met een nood of probleem naar ons toe komen: “ja maar ik bid altijd al zoveel” of “ik ben altijd zo trouw aanwezig op de bidstonden van de gemeente” of “ik heb al zoveel jaar trouw mijn tiende gegeven aan God”. Ze willen daar feitelijk mee zeggen, “ik heb erg mijn best gedaan Heer en daarom is het niet eerlijk dat U me nog niet hebt geholpen”. Maar ja, als we er even over nadenken dan kan men zich ook afvragen, waarom onze prestaties indruk zouden moeten maken op God. We hebben niets verdient bij God en we kunnen niets verdienen. Al bidden we 12 uur per dag en vasten we ieder week minste twee of drie dagen, God is ons niets verschuldigd. Dat is ook niet nodig, want Jezus heeft de volle prijs voor ons betaald aan het kruis, voor alles wat we nodig zouden hebben. Daarom, alles wat God ons geeft is niets meer of minder dan genade.

Zelfheiliging.
Door al deze dingen te doen zal God ons beslist niet ‘meer’ zegenen als anderen en je wordt er ook niet heiliger van, feitelijk ben je gewoon op de weg van zelfheiliging. Voor een christen is de weg van zelfheiliging, een zeer vermoeiende weg vol frustraties, omdat we vrijwel zeker steeds weer mislukken. Zelfheiliging betekent dat we steeds moeite doen om foutloos te zijn en als het niet lukt dan hanteren we figuurlijk gesproken, de zweep voor ons zelf in plaats dat we rekenen op de genade van God.

Zelfheiliging is feitelijk een vorm van zelfkastijding, dus je denkt heiliger te worden door jezelf dingen te ontzeggen. Tot op de dag van vandaag zijn er nog mensen die denken doormiddel van zelfkastijding heiliger te kunnen worden en zo God te kunnen behagen. Dat kan ook op allerlei moderne manieren en ik geef even wat voorbeelden.

  • Je durft geen televisie te kijken en ook niet naar informatieve programma’s, want je bent bang met wereldse dingen in aanraking te komen.
  • Je leest geen enkel ander boek dan de Bijbel, want alle andere boeken beschouw je hoe dan ook als zonde. Je mag dus gewoon geen plezier hebben in een ander boek.
  • Je voelt je al gauw schuldig als je naar een film kijk, vooral als het geen christelijk film is.
  • Je denkt dat alleen bidden acceptabel is voor God, als je het doe op je knieën. Want het moet ook lichamelijke moeite kosten, pijn doen, anders heeft het voor God geen waarde.
  • Een prediker van het evangelie, mag niet teveel grappen maken, maar zeker niet op zondag tijdens de wekelijkse kerkdienst.
  • Je moet altijd naar de samenkomsten, ook als je vermoeit thuis komt van je werk en feitelijk alleen maar wil uitrusten, etc. etc..

Vasten.
Christenen die de Heer liefhebben, kunnen soms behoefte hebben aan een periode van vasten. Daarvoor kunnen allerlei redenen zijn en natuurlijk is daar niets op tegen, behalve… als vasten een soort zelfkastijding wordt. Dat is vooral het geval als het periodiek wordt, dus zonder echte reden en men zich zelfs schuldig gaat voelen als het een keer niet gebeurd. Sommige christenen zijn zo misleidt daarin, dat men denkt dat vasten een manier is om heiliger of geestelijker te worden. Dat betekent dan tegelijk, dat alle christenen die niet vasten, direct al minder geestelijk of heiliger zouden zijn. Maar deze gedachte is onjuist en heeft meer met de schijnheiligheid van de Schriftgeleerden in Jezus dagen te maken (Mat.6:16).

Bidden in de nacht.
Er zijn meer misleidingen op dit vlak. Er zijn christenen die menen dat het noodzakelijk is om in de nacht te bidden. Kennelijk leeft men in de veronderstelling dat God in de nacht beter naar ons zal luisteren dan overdag. Natuurlijk kan God ons leiden in nachtelijke gebeden. Soms zijn er moeilijke omstandigheden die maken dat we de slaap niet kunnen vatten en we de nachtelijke uren nodig hebben om te bidden. Jezus bad ook in de nacht (Luc.6:12) en vergeet niet dat Hij een onmenselijk zware taak voor zich had om de mensheid te verlossen van de macht van de zonden. Maar… men wordt niet heiliger of zelfs vromer door ’s nachts te bidden, dit is een misleiding van de satan.

Veel kennis en langer bidden.
We worden ook niet heiliger door veel te weten uit de Bijbel of vele uren per dag te bidden. Natuurlijk is het goed en zelfs noodzakelijk, om tijd voor gebed te nemen. Maar nergens lees ik in de Bijbel dat ik heiliger wordt door steeds langer te bidden. Sommige mensen hebben gedacht als een kloosterling te moeten leven om heiliger te worden, maar ook dat is een leugen van de duivel. De zonden houdt beslist niet op bij de kloostermuren, ook daar zal de satan ons aanvallen en kunnen we in verleiding komen om te zondigen.

U kunt het niet zelf.
De gedachte dat een mens, ‘zichzelf’ zou kunnen verbeteren, dus  door menselijke kracht inspanning, is vals en komt van de grote verleider, de satan. Als u het nog niet ontdekt heeft zult u het spoedig ontdekken, het is zeker dat al onze pogingen om heiliger te worden, op niets zullen uitlopen.  Het gevolg zal alleen maar zijn, frustraties, teleurstellingen en zelfverwijten. De apostel Paulus kon het ook niet zelf, hij zegt in Rom.7:18-25 : “Zo vind ik dan deze regel: als ik het goede wens te doen, is het kwade bij mij aanwezig; want naar de inwendige mens verlustig ik mij in de wet Gods, maar in mijn leden zie ik een andere wet, die strijd voert tegen de wet van mijn verstand en mij tot krijgsgevangene maakt van de wet der zonde, die in mijn leden is. Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods? Gode zij dank door Jezus Christus, onze Here!”

We moeten leren dat de wettische weg van zelfheiliging, ons altijd tot mislukkingen veroordeeld. Dat desondanks velen toch deze weg kiezen ligt hieraan, dat het toch ook weer het eigen-ik streelt. Iedere verandering ten goede, zien we als een prestatie van ons en daardoor wordt ons eergevoel gestreeld, maar ook dat is zonde.  Mensen, die deze dwaalweg in te slaan, zijn feitelijk nog niet voldoende doordrongen van het feit dat we absoluut geen kracht in ons bezitten, om onszelf zodanig blijvend te verbeteren dat we acceptabel worden voor God. De Heer wist dat allang en daarom juist zond Hij zijn Zoon Jezus Christus naar deze wereld om voor onze zonden te sterven en ons met God te verzoenen. Het kruis toont ons het volgende:

  • het laat ons zien, onze absolute onmacht om onszelf van de zonden te bevrijden. We kunnen het niet zelf, we hebben de Heer erbij nodig. Iemand zei eens, het zondigen zit ons a.h.w. van nature in het bloed. Als we het toch zelf gekund hadden, dan zou Jezus offer zinloos geweest zijn, we konden het dan immers zelf.
  • het kruis laat ons ook zien, de almacht van de God die we dienen, die de macht van zonden, d.w.z. de drang tot zondigen, aan het kruis wist te vernietigen. We lagen a.h.w. aan de ketting bij de satan, maar Jezus heeft onze ketting op het kruis losgebroken.
  • het kruis is ook de hoop voor elke zondaar, want omdat wij mogen deelhebben aan Jezus overwinning over de zonden (Rom.8:37), hoeven we niet langer slaven te zijn van de zonden en kunnen we in Zijn kracht de zonden overwinnen. Zonder het kruis zou er geen hoop geweest zijn, we zouden voor altijd slaven van de zonden blijven.

We hebben in Jezus deel aan Zijn heiligheid.
God heeft ons in Jezus feitelijk al gerechtvaardigt, ons leven is namelijk met Christus verborgen in God (Kol.3:3). Zoals de hand van het kind verborgen is in de holte van de hand van de ouders. Hij ziet ons dus in Jezus, we hebben daardoor deelgekregen aan Zijn heiligheid, omdat God ons beoordeeld op de gerechtigheid van Christus (1 Kor.1:30). Van welke kant God ons bekijk, Hij ziet ons IN Zijn Zoon. Om die reden zal God ons ook niet meer veroordelen vanwege onze zonden, maar worden we vrijgesproken, ondanks dat we schuldig waren (Rom.8:1). Onze enige strijd is alleen, om IN Jezus te blijven, d.w.z. in verbondenheid met Hem, zoals de rank verbonden is met de wijnstok (Joh.15). Luister, wat er ook voor een goeds in ons tot stand zal komen, het is nooit onze prestatie al doen we nog zo ons best, maar het is altijd het werk van God in ons, de levenssappen komen immers van de wijnstok en niet van de rank zelf.

Heiliging is geen prestatie maar een vrucht.
Voor veel mensen is het een openbaring om te gaan inzien dat heiligheid niet een prestatie is, maar een vrucht. De Bijbel leert in Rom.6:22, 23 “Maar thans, vrijgemaakt van de zonde en in de dienst van God gekomen, hebt gij tot vrucht uw heiliging en als einde het eeuwige leven”.  Zoals een rank geen grote krachtinspanning hoeft te plegen, om een vruchten voort te brengen, zo is het met een wederom geboren kind van God. Als we maar verbonden zijn met Jezus, dan zullen we zonder meer de vrucht van heiliging voortbrengen.

Dus door dagelijks tijd te nemen om de Heer Jezus te zoeken in gebed en het onderzoeken van de Bijbel, zal ons leven een verandering moeten ondergaan (Lees ook 2 Kor.3:18). We leren steeds meer onze voldoening in Jezus te vinden en als we de rijkdom in Christus hebben gevonden, zullen we ophouden deze ergens anders te zoeken, we hebben de bron van echt geluk gevonden.  Daar aan het kruis is de werkelijke genezing voor onze ziel tot stand gebracht, genezing die in de diepste lagen van ons wezen doordringt. We hoeven het alleen maar te aanvaarden en vanuit de overgave aan Zijn volbracht werk, te gaan leven. Wat een rust, niet ik maar Hij doet het in mij”.

Laten we onszelf niets wijsmaken. Zonder de levenskracht van de Geest van God, kunnen we niets; in ieder geval niets wat geestelijk gezien betekenis heeft. Alleen Jezus kan water in wijn veranderen. Wij kunnen in het gunstigste geval de waterflessen met wijnetiketten voorzien. Dat heet etikettenbedrog! Heiliging met vleselijke middelen is niets anders dan etikettenbedrog! Een uiterlijk hervormd christen is nog geen geestelijke christen. Hij lijkt veel meer op een heel mooi geetiketteerde fles met een verkeerde inhoud.

Zelfheiliging kan daarom nooit de oplossing van onze problemen zijn. Ons ‘zelf’ is ook aangetast door de zonde. Als de wortel verkeerd is, hoe kunnen dan de vruchten goed zijn? (Mat.12:33) De Bijbel zegt ons dat we de oude mens moeten afleggen en dat zijn ook de zgn. “goede” werken. God wil ons ik-leven verbreken, zodat het Christus-leven de ruimte krijgt. Zijn wapen is het Woord van God, dat in Jer.23:29 zegt: “Is niet mijn Woord zo: als een vuur, luidt het Woord des Heren, of als een hamer, die een steenrots vermorzelt?”

Alleen het Woord van God kan onder de leiding van de Heilige Geest, de harde schaal van ons ik verbreken. Geen zelfheiliging, maar zelfverloochening staat op het programma van God (Luk. 9:23-25). In de mate waarin we daartoe bereid zijn, kunnen de krachten vrijkomen die een verdere groei in heiliging mogelijk maken, “tot we allen de eenheid des geloofs en de volle kennis van de Zoon van God bereikt hebben, de manlijke rijpheid, de maat der wasdom der volheid in Christus.” (Ef. 4:13)

Doorpraten, stuur mij een email, u krijgt altijd antwoord: klik hier

Geplaatst in Bijbelstudies, Diversen, Evangelie, Hoogmoed | Tags: , | Een reactie plaatsen

Huwelijks problemen… wie overkomt het niet?

Men zegt, dat één op de drie huwelijken tegenwoordig uitlopen op een scheiding.
Vroeger waren vrouwen meestal afhankelijk van hun man. Men had zelf vaak geen enkele bron van inkomsten en na een scheiding was armoede dan het gevolg. Ook hield de sociale en maatschappelijke druk van de omgeving nog menig huwelijk in stand, kortom weggaan was niet eenvoudig. Dat is nu weg, niemand schaamt zich meer voor een scheiding.

Helaas… ook bij christenen is scheiden geen uitzondering meer. Er is zelfs even sprake geweest van flits scheidingen, gelukkig is dat er nog niet door. Toch wordt er over echtscheiding in christelijke kring steeds meer verschillend gedacht. De Bijbel geeft echter voor echtscheiding maar weinig ruimte. Ik zie Bijbels gesproken slechts twee mogelijkheden die echtscheiding toelaten: overspel en wanneer de ongelovige zijn of haar gelovige partner liever kwijt is  (Mat.19:9 en 1 Kor.7:15).

Gods mening is ook niet aan de tijd of omstandigheden gebonden. Dat is niet omdat  God geen begrip zou hebben voor onze moeilijke omstandigheden en dat karakters van man en vrouw in het huwelijk, soms heel moeilijk verenigbaar zijn. Maar omdat Hij wil dat we met onze moeilijke karakters naar Hem komen, zodat Hij ons kan veranderen. Daarom raadt de Bijbel ons aan om geen ongelijk juk aan te gaan met een ongelovige (2 Kor.6:14), want dan is het onmogelijk om samen naar Jezus te gaan met je karakter fouten. Het gevolg is dan dat je het als gelovige dubbel moeilijk kan hebben.

Nu is een christelijk huwelijk nog niet altijd een garantie voor een goed huwelijk. Maar er is na een conflict wel meer kans op herstel. Als het goed is probeert men toch, naar het gebod van Christus, de minste te zijn, de ander toch lief te hebben en te dienen, ook al voelt het op het moment anders. Een christelijk huwelijk vraagt de bereidheid om eigen behoeften op de tweede plaats en die van de ander op de eerste plaats te zetten, dat is zelfverloochening.

De crisis.
Men zegt “Tussen de vier en acht jaar na de trouwdag krijg je de eerste crisis,” Dat is vooral als men niet heeft geleerd om met elkaar te communiceren en samen voor de relatie te bidden. Door een gebrek aan communicatie en gebed, groeit men dan verder uit elkaar in plaats van dichter naar elkaar. Soms leeft men nog wel samen in één huis, maar men is elkaar toch al kwijt. Je verdraagt elkaar, maar er is geen sprake meer van een liefdevolle relatie.

Veel problemen ontstaan ook in de opvoedingstijd van de kinderen. Ouders moeten naast elkaar gaan staan als ze in een conflict zijn met hun kinderen. Gebeurt dat niet, dan drijven deze dingen de ouders uit elkaar. Maar het is niet gemakkelijk en over het algemeen word je er ook niet echt op voorbereid.

Samen verantwoordelijk.
Zeker is dat de verantwoordelijkheid van de vrouw ten aanzien van de opvoeding van de kinderen, gelijk is aan de man. Het is absoluut fout als de man de “straf” uitdeler wordt en de vrouw alleen maar een soort verklikster van de kinderen. Aan de andere kant dient de gelovige vrouw haar kinderen ook duidelijk te maken dat de vader het laatste woord heeft in belangrijke beslissingen en dus de leiding heeft in huis. Ook dat hoort bij opvoeden. Al hoewel de plaats van de vrouw zeker niet boven de man is, maar eerder naast haar man als ondersteuning, is haar taak toch even waardevol als die van haar man (1 Kor.11:11,12). Haar functie is wel anders maar daarom is haar taak of plaats niet minder belangrijk. Sterker nog, God heeft bedacht dat de man het alleen niet zou redden (Gen.2:18) en heeft daarom gewild dat hij iemand naast zich heeft, die hem aanvoelt en instaat is om zo nodig hem tijdig bij te sturen. Als echter de man of de vrouw niet meer op de juiste plaats staat in het huwelijk, kunnen er ernstige problemen ontstaan.

Steun vanuit de kerk of gemeente.
Er zijn gemeenten waar men over van alles onderwijs geeft, maar relatief wordt er veel minder onderwijs gegeven over hoe we als ouders met elkaar om moeten gaan en wat de Bijbel leert over de opvoeding van onze kinderen. Er zijn Bijbelstudiegroepen waar over van alles wordt gepraat, behalve over deze gevoelige zaken.

Er ligt ook te weinig openheid onder christenen over de moeiten en zwakheden, waar de Bijbel heel duidelijk over is dat alle mensen die strijd te voeren hebben. Er zijn echter een aantal bekende gebieden waarop de meeste echtparen vastlopen. Daarin verschillen de meeste echtparen niet zoveel. Als je de moed hebt om er eens over te praten, zul je al heel snel merken dat anderen dit herkennen.

Bijvoorbeeld: hoe moet ik omgaan met, de opvoeding van de kinderen, financiën, seksualiteit. Alleen als beide partijen bereid zijn aan hun relatie te gaan werken, zullen die problemen overwonnen kunnen worden. Het hoeft in ieder geval niet op een scheiding uit te lopen, als we maar bereid zijn om naar elkaar te luisteren en voor en met elkaar te bidden. De Bijbel leert dat de doelstelling van het huwelijk is, dat je jezelf opoffert voor de ander. Het huwelijk moet iets weerspiegelen van de relatie van Jezus met Zijn gemeenten (Efeze 5), en Jezus offerde zichzelf op voor ons. Toen wij vijanden van God waren heeft God er ook alles aan gedaan om de relatie met ons te herstellen.

Ik weet, het is makkelijk gezegd, maar moeilijk om uit te voeren. Vooral als je karakter zo enorm verschilt met dat van je partner. Dan kan een huwelijk een moeilijke weg worden, maar dit is zeker niet een reden om dan maar te gaan scheiden. We hebben meestal veel respect voor christenen die in een of ander land waar onderdrukking is in de gevangenis worden gegooid, getuige blijven van Christus en onterecht lijden verduren.

Ik heb ook veel respect voor mannen of vrouwen die lijden verduren in een huwelijk, waarvan iedereen zegt dat je er makkelijk uit zou kunnen stappen. Maar je kiest ervoor om er toch in te blijven omdat je daardoor iets van de liefde van God wil laten zien. Maar daarvoor is wel de steun van kerk of gemeente nodig.

Tips om je huwelijk te redden.

1. Eerlijkheid en betrouwbaar.
Wees een open boek voor de ander, draai niet om de dingen heen maar vertel je partner eerlijk waar je mee zit. Denk er om, huwelijks partners die tegen elkaar liegen spelen met vuur. Efeze 4:25 zegt ‘Legt daarom de leugen af en spreekt de waarheid, ieder met zijn naaste, omdat wij leden zijn van elkander’. Laat de ander van je op aan kunnen, dat wil zeggen, wat je zegt dat doe je ook.

2. Samen te bidden.
Het is van groot belang dat huwelijkspartners met elkaar bidden en ook voor elkaar bidden. Er is niets wat zo enorm samenbindt als het gebed. Het beste is als beiden leren om hardop voor elkaar te bidden. Bidt samen, juist als je problemen hebt.   Jac.5 zegt ‘Bidt voor elkaar opdat gij genezing ontvangt…’.

3.Heb aandacht voor elkaar.
Neem tijd om samen te praten en voor wie dat een probleem is, probeer toch te praten en bidt er voor. Ga desnoods samen ergens eten en praat met elkaar. Heel veel problemen in relaties ontstaan door dat mensen niet of onvoldoende met elkaar praten. Neem tijd om ook naar elkaar te luisteren en (let op) wees geïnteresseerd in elkaar en vooral niet alleen in jezelf. In 1 Kor.12:26 staat dat we als leden van het lichaam van Christus, met elkaar mee moeten lijden en elkaar ook moet laten delen in de vreugde.

4.Tederheid.
Tederheid en romantiek mag nooit ontbreken in een liefdesrelatie. In Efeze 5:29 staat dat de man z´n vrouw moet koesteren. Menige relatie is langzaam van alle glamour ontdaan, doordat er niets zachts meer overbleef, men gaat ruw met elkaar om en de liefde verdwijnt.

5.Waardering.
Ieder mens heeft van tijd tot tijd een aanmoediging nodig. In een huwelijksrelatie zijn we er ook om elkaar dat te geven. Laat de ander merken dat je hetgeen hij of zij doet waardeert, dus dat het maar niet gewoon is dat de ‘was’ iedere week gedaan wordt en het eten gekookt. In 1 Petr.3:7 staat dat mannen hun vrouwen “eer” moeten bewijzen, dat betekent zoveel als een figuurlijk schouderklopje of een aanmoediging.

6.Vrolijkheid.
In Spreuken 17:22 staat, ‘een vrolijk hart bevordert de genezing, maar een verslagen geest doet het gebeente verdorren’. Mensen die altijd maar klagen en nooit eens een grapje maken, zijn een kwelling voor hun omgeving. Bidt van de Heer een vrolijk hart en leer om de ander op te beuren, dat zal de sfeer in uw relatie goed doen.

7.Vergeving.
Boos worden is een gewoon menselijke emotie en zal in elke relatie wel eens voorkomen. Feitelijk is dat volgens de Bijbel niet echt een probleem. Er zijn wel twee voorwaarden (Lees Ef.4:26,27): ‘zondigt dan niet’ m.a.w. ga niet schelden of i.d. en ‘vergeef zo snel mogelijk’. Geef de duivel geen mogelijkheid je uit elkaar te drijven. Hou ook geen dossier van alle fouten van je partner, maar vergeef en vergeet, God doet het ook.

8.Seksualiteit.
Wees bereid elkaar ook te dienen op het vlak van de seksualiteit. In een normale huwelijksrelatie hoort dit erbij en ook dan zijn we er niet in de eerste plaats om onszelf te dienen, maar altijd de ander. In Filip.2:3,4 staat “..en ieder lette niet slechts op zijn eigen belang, maar ieder lette ook op dat van anderen”.

Voor advies kunt u ook ons mailen, u krijgt altijd antwoord. Klik hier

Geplaatst in Huwelijk | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Is er nog genade bij God voor een moordenaar?

Een verschrikkelijk drama ( 2017).
Twee weken lang hield Nederland de adem in, tijdens de zoektocht naar de 25-jarige Utrechtse vrouw Anne. En dan wordt ze uiteindelijk gevonden, ze blijkt vermoord. Veel mensen worden boos, boos op de moordenaar maar ook op de begeleiders van de dader en justitie en niet te vergeten de rechter, die hem in het verleden geen gedwongen psychiatrische behandeling had op gelegd. Natuurlijk is die woede en afschuw na zo’n moord begrijpelijk, afgezien van de vraag of het terecht is. En ja, als er fouten zijn gemaakt moeten ze aan het licht komen en zo mogelijk moeten er acties ondernomen worden om te zorgen dat dit ‘nooit’ meer gebeurt. Tegelijk weet iedereen dat niemand garantie op veiligheid kan geven. Zelfs niet als je zo’n moordenaar z’n leven lang zou opsluiten, er lopen nu eenmaal nog genoeg anderen vrij rond, die minsten zo gevaarlijk zijn.

De meeste mensen hebben er maar weinig begrip voor, men roept steeds luider om hogere straffen, liefst een leven lang. Maar ook dan zullen deze misdadigers ergens moeten verblijven en kun je ze niet helemaal aan hun lot overlaten. En… wat heeft psychiatrische hulp nog voor een zin, als we ze dan toch een leven lang opsluiten. Allemaal vragen waar we mee zitten. Een leven lang opsluiten zonder enig perspectief op vrijlating is ook onmenselijk en daartoe moeten we ons niet willen verlagen. Gelukkig zit ons recht systeem ook zo niet in elkaar. Zelfs de grootste misdadiger krijgt meestal, na een gepaste straf weer een nieuwe kans en ja dan loop je als samenleving risico’s, maar gelukkig gaat het vaker goed dan fout.

Het werk van demonen.
Uit de Bijbel weten we dat mensen die zulke verschrikkelijk dingen doen, vrijwel zeker gedreven worden door demonen en Jezus heeft gezegd dat de duivel een mensen moordenaar is (Joh.8:44). Veel mensen, zelfs christenen, geloven dat helaas niet meer. Maar de Bijbel vertelt echter wel over een onzichtbare wereld. In Ef.6:12 somt Paulus onze tegenstanders op: ‘Wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten’.

Paulus heeft het o.a. over ‘boze geesten’ en deze worden ook wel ‘demonen’ genoemd. Demonen zijn beslist geen onpersoonlijke, vage krachten of gevoelens of iets dergelijks. De Bijbel zegt dat het gevallen engelen zijn, geestelijke wezens dus die een wil, karakter, verstand en gevoelens hebben (Jak. 2:19). Zij staan onder leiding van de satan en omdat zij God haten, haten zij ook de mens, die naar Gods beeld geschapen is. Door nu de mens als een instrument te gebruiken om kwaad te doen, hopen zij God kwaad te kunnen doen en zijn macht en heerlijkheid af te breken. En zo zijn we midden in een geestelijke oorlog beland. Het klinkt als Science Fiction, maar toch is dat hetgeen wat we om ons heen zien gebeuren.

Intens verdriet.
Hoe onbegrijpelijk het voor sommige mensen ook zal zijn, naast het intense verdriet om de dood van deze jonge vrouw, voel ik óók verdriet vanwege die jongeman, die zo in de greep is geraakt van demonen. Duivelse onreine geesten hebben bezit genomen van zijn denken en hem gedreven tot zijn daad. Hoe anders kun je zo iets doen, terwijl je al bezig bent aan je terugkeer in de samenleving. Hiermee heeft hij immers zijn terugkeer voor jaren onmogelijk gemaakt. Als je er even over nadenkt, dan klinkt het allemaal erg onlogisch en weinig doordacht.

Het is natuurlijk ook enorm verdrietig voor de ouders van die moordenaar, die zullen een heel andere toekomst verwachting hebben gehad van hun zoon. Het zal je zoon maar zijn die zo ontspoort, daar moet je toch ook niet aan denken.

Trouwens, hoe zit het feitelijk met de liefde van God. Gods liefde gaat toch uit naar alle mensen, ongeacht wie je bent. Zelfs de moordenaar die hing naast Jezus aan het kruis, kreeg vergeving en daarom is er voor iedereen vergeving, tenminste die z’n zonden eerlijk erkent en God om vergeving vraagt. Jezus stierf aan het kruis voor de zonden van de gehele wereld, zelfs voor de zonden van deze moordenaar. Ik hoop en ik bid dat er iemand is die hem het evangelie kan uitleggen, zodat hij door Jezus bevrijdt kan worden en niet naar de hel hoeft te gaan. Wat zou het geweldig zijn als deze man bevrijd zou worden door de kracht van God en in ieder geval vergeving van God ontving.

Een persoonlijke ervaring.
Ik vergeet het nooit. Op één van onze zendingsreizen, mochten we een samenkomst houden in een gevangenis in Roemenië. Tijdens de dienst had ik tegen de gevangenen gezegd, dat God hen lief had, ongeacht wie ze zijn en wat ze gedaan hebben. En dat er genade is als je je zonden maar wilt belijden. Na afloop kwam er een man naar me toe, welke me vertelde zijn buurman, in een opwelling van woede, te hebben vermoord. Hij had 12 jaar gevangenis straf gekregen en nu vroeg hij mij of die God, waar ik over sprak ook voor hem genade had. Wat moest ik zeggen? Een kort moment zocht ik naar woorden, toen zei ik tegen hem dat God hem inderdaad ook lief had en dat er altijd genade is voor elke zondaar die zijn zonden wil belijden, dus ook voor hem. Even laten baden we samen en beleed de man onder tranen zijn zonden, God was daar ook, ik weet het zeker. De Heer heeft deze man aangenomen als Zijn kind, ook hij mag weten behouden te zijn voor de eeuwigheid, ondanks die moord.

In de hemel komen dus ook moordenaars, want het is alleen Gods volmaakte liefde die de banden van de zonden kan verbreken, Jezus maakt werkelijk vrij. Feitelijk moesten we allemaal veroordeeld worden door God, vanwege onze zonden, ook al voelen we ons veel minder schuldig als iemand zoals die moordenaar, dan nog moeten we beseffen dat God de dingen anders ziet dan wij mensen. Of we nu een grote of kleine zondaar zijn, we zijn even goed schuldig en we verdienen het oordeel. Maar als we geloven dat Jezus onze straf droeg op het kruis en eerlijk onze zonden belijden, dan wil God ons vergeven en spreekt Hij ons vrij van de straf. Uiteraard moeten we ook bereid zijn te breken met de zonden, want alleen op basis daarvan tonen we werkelijk berouw van onze zonden.

We hebben er allemaal last van.
Al zijn we ons er vaak niet van bewust, toch hebben feitelijk alle mensen last van demonen die hen aanvallen. Natuurlijk, de strijd is niet bij iedereen even hevig en we zondigen ook niet allemaal op zo’n vreselijke manier, maar toch laat satan ook ons niet met rust. In ieder geval, ook gelovige mensen die God willen dienen, worden door de duivel aangevallen. Zo zijn er demonen van ontmoediging, depressiviteit, haat, onreinheid, allerlei verslavingen en drift, die ons allemaal van tijd tot tijd aanvallen. Zij komen bij ons binnen zodra ze een opening vinden en ze zijn op de hoogte van onze zwakste momenten. De duivel heeft maar één doel en dat is ons ongeluk te maken en ons tenslotte mee te sleuren in de eeuwige dood.

Ook dringen er zich dan vaak allerlei negatieve gedachten en gevoelens op, die men maar moeilijk kan stoppen. Een boze geest kan bijvoorbeeld binnen dringen, wanneer er banden zijn geweest met het occultisme of valse godsdiensten hetzij door de persoon zelf, hetzij in de familielijn (voorouders, ouders, echtgenoten of seksuele relaties). Alleen een krachtig gebed, waarbij de duivel in Jezus naam weggestuurd wordt, heeft effect.

Demonische gebondenheid kan ook enorme psychische consequenties hebben. We denken aan: het ervaren van doelloosheid, neiging tot zwaarmoedigheid (soms (zelf)moordgedachten), onrust, angst, wanhoop, ellendig voelen, ervaren van innerlijke duisternis (en leegte) al snakt men naar bevrijding daarvan, depressiviteit, neerslachtigheid. Grote innerlijke verdeeldheid om iets wel of niet te doen.

Maar er is nog veel meer. Angst in het donker, vervolgingswaan, pleinvrees, smetvrees. Stemmen horen in het hoofd, die niet jouw eigen gedachten zijn (in sommige gevallen zal men de indicatie ‘schizofrenie’ geven). Gruwelijke of enge gedachten, waan- en dwangvoorstellingen, vreselijke fantasieën. Dromen en nachtmerries lichten zien, afschuwelijke verschijningen en nachtelijke bezoeken van demonen, maanziekte, slaapwandelen, niet gewoon kunnen slapen. En niet te vergeten, onbedwingbare seksuele lustgevoelens.

Niet in alle gevallen is er ook sprake van bezetenheid, er kan alleen sprake zijn aanvallen uit het rijk van satan. Maar uiteindelijk kan het wel tot bezetenheid leiden. In het geval van bezetenheid wordt het menselijk lichaam in bezit genomen door boze geesten (Luk. 8:2; Hand. 19:11-16), onreine geesten (Matth. 10:1; Mark. 1:23, 5:18, 7:25; Luk. 9:2), stomme en dove geesten (Mark. 9:17,25), demonen (Matth. 8:31, 9:33, 12:28, 15:22, 17:18) of de duivel (Hand. 10:38).

Bevrijding is mogelijk.
Demonen (boze geesten) blijven in principe een leven lang in een persoon, tenzij ze door iemand die met de heilige Geest vervuld is, in de naam van Jezus Christus worden verdreven. Het is dus niet nodig dat een mens in handen van de boze blijft. De Waarheid van Gods Woord, de kracht van Jezus bloed en het gezag van Zijn Naam, zijn voldoende om de vrijheid in Christus te gaan ervaren. Soms is de strijd kort, soms duurt het lang; maar Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde (Hebr. 13:8). In Johannes 8:31-32,36 lezen we: “Jezus dan zei tegen de Joden die in Hem geloofden: Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen; en u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken. Als dan de Zoon u vrijgemaakt zal hebben, zult u echt vrij zijn.”

Professionele hulp.
Mensen zoeken professionele hulp maar in veel gevallen kunnen hulpverleners die geen inzicht hebben in de geestelijke wereld, maar beperkt hulp bieden. Daarna komen de medicijnen om bijvoorbeeld het verdriet, de woede aanvallen, depressies en de pijn te verminderen.

Vandaag heb ik een boodschap voor u: “U heeft méér nodig dan pilletjes, of een gesprek met een hulpverlener.” Er is een Vriend die ons kan echt helpen, Hij weet als geen ander wat we voelen, want Hij heeft hier op aarde de diepste pijn en het ergste leed meegemaakt. Zijn Naam is Jezus Christus, de Zoon van de Levende God, er is geen betere hulpverlener. Hij is de beste psycholoog en een Geneesheer die nooit fouten kan maken en u voor 100% kan genezen van uw gebondenheden en het is gratis, omdat Jezus Christus voor u de prijs al heeft betaald op Golgotha. Jezus stierf voor al uw zonden, fouten, gebreken, ziekten en demonische gebondenheden (Jesaja 53:4,5).

Blijf daarom niet langer rondlopen met uw pijn, uw verdriet, uw teleurstellingen, uw angsten, uw wonden, verslavingen en trauma’s. Geef het niet op. Sta in geloof op en zie op Jezus! Geloof dat Jezus bestaat en dat Hij u wil genezen (Joh. 3:16), neem Hem aan in uw leven (Joh. 1:12), geef uw leven aan Hem, vertel Hem uw zonden en… innerlijke pijn.

Neem de tijd om het Woord van God te lezen en te bestuderen. Zeg nee tegen innerlijke weerstand om de Bijbel te lezen en tegen opkomende moeheid. Bid voor je het Woord opent om de leiding van de heilige Geest. Doe dit telkens weer en wees gehoorzaam. Wees je ervan bewust dat satan probeert opnieuw voet aan de grond te zetten in je leven. (Luk. 11:24; Ef. 5:15-18; 6:10-18)

U kunt het niet alleen.
Ga op zoek naar een goede hulp verlener, die onderscheiding heeft aangaande het werk van satan en gelooft in bevrijding door Jezus. Maak ook contact met andere gelovigen in Christus, ga opzoek naar een goede evangelie gemeente en bidt om leiding van de heilige Geest. In het Lichaam van Christus (= de gemeente) zijn gelovigen aan elkaar gegeven om mee te leven en elkaar te ondersteunen. Je kunt samen strijd en aanvechting delen, maar ook samen bidden voor de overwinning.

Wellicht weet u niet waar u heen kunt met uw probleem, wees vrij om mij te schrijven: KLIK HIER

Geplaatst in Diversen, Evangelie, Nieuws | Tags: , | Een reactie plaatsen

Zeven vragen over profeteren in de gemeente.

We krijgen vrijwel dagelijks e-mails van mensen die ons vragen stellen over onderwerpen uit de Bijbel. Hier volgen de zeven vragen die ons het meest gesteld zijn over profeteren in de gemeente. Aansluitend vindt u er onze antwoorden. Misschien heeft u ook brandende vragen over een Bijbels onderwerp, mail ons gerust, u krijgt altijd antwoord. KLIK HIER.

Profeteren is een boodschap van God doorgeven, onder de directe inspiratie van de heilige Geest. Je hoort in bepaalde samenkomsten waar veel geprofeteerd wordt, nogal eens het bekende ‘zo spreekt de Heer… ‘ en dan volgt er een boodschap. Anderen zijn wat voorzichtiger en zeggen ‘de Heer bepaalde mij bij…’ en dan volgt er een boodschap of gedachte die men meent van God ontvangen te hebben. Uiteraard zullen we in beide gevallen zeker moeten weten dat God inderdaad spreekt en niet de mens.

1.Kunnen we profeteren leren?
Bijvoorbeeld op een cursus of in een z.g. profetenschool of iets dergelijks. Tegenwoordig komen ze als paddenstoelen uit de grond, cursussen genoeg. In de tijd van het oude testament komen we dit ook tegen, een z.g. ‘profetenschool’.

  • In 1 Sam.10 wordt dit omschreven als een groep profeten die al musicerende profeteerden. Bij een door Samuel voorzegde ontmoeting met deze profeten, komt Gods Geest ook over Saul en geraakt hij met hen in vervoering.
  • In het verhaal van Elia en Elisa (2 Kon.2) is ook sprake van een groep jonge profeten; een z.g. profetenschool. Na de voorzegde hemelopname van Elia stellen deze profeten een zoektocht naar de verdwenen Elia voor, terwijl Elisa toch duidelijk te kennen geeft dat dit niet nodig is!

Deze profetenscholen waren in ieder geval geen plaatsen waar men geestelijke gaven kon aan leren, want daarvan lezen we pas na de uitstorting van de heilige Geest op de pinksterdag (Hand.2). Maar hoe zit dat nu vandaag? In het nieuwe testament lezen we nergens meer van een aparte profetenschool, maar wel van de gemeente.

Als belangrijkste argument voor het aanleren van het profeteren, wordt meestal aangehaald dat de Bijbel zegt dat we moeten streven naar de gaven van de Geest (1 Kor.14:1) en vooral dat we zullen profeteren. Maar moeten we dat streven dan ook weer zo vertalen, dat het dus aan te leren is? Nee, we denken het toch niet. Autorijden kan men leren, een muziek instrument bespelen kan men leren. De manier om dat te doen is veel oefenen. Maar men kan niet profeteren oefenen, dus gewoon maar zeggen wat in je opkomt, om te kijken of het wel ergens op lijkt. Mensen die dat beweren maken er een spel van en daarvoor zijn de dingen van God te heilig. Het karakter van een profetie is juist de spontane directe manier waarop er plotseling een boodschap van God komt en dit kan nooit aangeleerd of ingestudeerd zijn.

Het Griekse woord voor ‘streven naar’ betekent letterlijk ‘ijverig zijn, beijveren’. Het spreekt over een ernstig en intens verlangen. Heel praktisch gesproken kunnen we bij ‘beijveren’ denken aan bidden voor een gave en aan het bestuderen van de Bijbel met betrekking tot de gave waarnaar je verlangt. En verder geeft Paulus in 1Kor.14:12 het belangrijke advies, als het gaat om de gaven, om te trachten uit te munten tot stichting van de gemeente te zijn.

2.Kan men profetie ook van te voren bedenken?
Ons is wel gevraagd of je een profetie van te voren kan bedenken. Maar ons antwoord is dan steeds: ‘bij een echte profetische boodschap, kan men niet van tevoren al weten wat men gaat zeggen. Als dat wel zo is, dan komt het vrijwel zeker uit onze eigen gedachten’. Wel kan er een bepaalde gedachte in onze geest binnen komen, waar we later de woorden bij krijgen. We moeten in ieder geval zorgen dat we volkomen vrij van invloeden van buiten af zijn. Bijvoorbeeld, we moeten niet over zaken willen profeteren, waarover we al enige voorkennis hebben. In zo’n geval is het beter te zwijgen. Dergelijke profetieën zijn namelijk zelden zuiver, want te gemakkelijk verwarren we dan onze eigen gedachten, ideeën en verlangens met het spreken van God.

Een profetie behoort wel geïnspireerd te zijn door Gods Geest, maar kan soms toch menselijke elementen bevatten of niet volledig zijn ( 1Kor.13:9). Daarom is een toetst niet alleen voor de ontvanger belangrijk, maar ook voor de gever van de profetie. Een gezonde terugkoppeling kan de gave en bediening van profetie verder in ons ontwikkelen! Het kan ook zijn dat een “beperkte” profetie door een andere profetie aangevuld wordt in de samenkomst.

3.Kunnen profetieën schadelijk zijn?
Profetie is dus niet volmaakt (1 Kor.13:9). Wanneer het gaat om ‘profeteren in de gemeente’, dan gaat het altijd om profetieën uitgesproken door nog onvolmaakte mensen, maar wel geïnspireerd door de heilige Geest. Profetie is dus beslist geen aanvulling op de Bijbel, ze voegt geen nieuwe openbaring toe, Openb. 22:18,19. De Geest zal daarom ook nooit ingaan tegen het Woord van God.

Daar staat tegenover dat profetieën die in de Bijbel zijn opgenomen wel altijd zuiver zijn, het Woord van de Heer dus. Maar… dat is anders als het gaat om gemeente-profetie? Daarom moeten we voorzichtig zijn met profetie, maar wat ook waar is, niet alles wat uitgesproken wordt in een gemeente is even schadelijk. Er zijn mensen die menen woorden van God te moeten doorgeven, die alleen bemoedigen of positief aansporen en ja, zolang als er dan geen on-Bijbelse dingen gezegd worden, kan dat nooit een probleem zijn. We worden er immers wel door opgebouwd en het is moeilijk om te beoordelen of de profetie dan echt van God is, of van iemand die ons graag goed bedoeld wil zegenen.

Maar het wordt anders als profetieën duidelijk richtinggevend zijn, dus ‘je zult genezen’ of ‘je zult door God gebruikt gaan worden’ of ‘God gaat je probleem oplossen’ of ‘God roept jou om voor Hem te gaan werken’ (Lees bijvoorbeeld Hand.13) etc.., in dat geval is het van groot belang dat we zeker weten dat God gesproken heeft en dat men niet uit eigen gedachten maar iets gezegd heeft. Lees Prediker 5:1 “Wees niet te snel met uw mond, en laat uw hart zich niet haasten een woord te uiten voor het aangezicht van God. Want God is in de hemel en u bent op de aarde”.

Laten we daar in ieder geval zeer voorzichtig mee omgaan en altijd weer om een bevestiging vragen. Dat iemand een profetie uitspreekt, garandeert dus nog niet altijd dat hij of zij een boodschap van God doorgeeft. Profetie kan zelfs worden misbruikt, met soms manipulatie als gevolg. Pas vooral op voor mensen, ook geestelijke leiders, die schermen met uitdrukkingen als “de Heer heeft me laten zien dat … en daarom moet jij dit of dat doen.” Door het gebruik van zulke uitdrukkingen kan de spreker anderen gemakkelijk manipuleren. Wie zou immers in twijfel durven trekken wat God zelf zegt? Waar wordt geprofeteerd, moet altijd een correctie mogelijkheid aanwezig zijn. Dat dient om te voorkomen dat alles wat als profetie wordt aangediend, klakkeloos wordt geaccepteerd.

4.Waaraan is een Bijbelse profetie te herkennen?
In 1 Kor.14:3 lezen we van de kenmerken of eigenschappen van een profetie, waar we de boodschap ook op mogen toetsen. “Maar wie profeteert spreekt voor de mensen stichtend, vermanend en bemoedigend”. Een profetie is dus altijd: stichtend, vermanend, bemoedigend. Een profetie is dus nooit afbrekend, maar altijd opbouwend.

Profeteren is dus ook geen voorspellingen doen over de toekomst. Het is uitsluitend stichtend, vermanend en bemoedigend spreken. Degenen die dachten dat zij de toekomst konden voorzeggen omdat zij die gave bezitten, hebben soms voor verwarring gezorgd in gemeenten. Vooral als hetgeen voorspeld is later niet uit bleek te komen.

Profetie is altijd gericht op Jezus. In Openb. 19:10 lezen we: “Het getuigenis van Jezus is de geest van de profetie”. Dit betekent, dat een profetische uiting steeds weer betrokken moet (kunnen) worden op Jezus, op zijn werk van verlossing, waarbij ook het aspect van het oordeel niet achter hoeft te blijven. Bij de toetsing mogen we dan ook de vraag stellen: ‘Gaat het in deze profetische uiting om Jezus?’

5. Zijn we gedwongen om te spreken?
Soms hoor je ook de opmerking: “Ik kon mijn mond niet houden, ik moest spreken ” of “ik kon niet wachten met het uitspreken”. Men denkt vaak dat dit van Gods Geest is, maar dat is het toch niet, maar het komt uit onze eigen gedachten. Gods Geest dwingt niemand om te spreken. De Bijbel zegt: “de geesten der profeten zijn aan de profeten onderworpen, want God is geen God van wanorde, maar van vrede”. 1 Kor.14:31-33.

6. Kan iedereen op elke plaats profeteren?
Pas op als mensen zomaar plotseling naar u toe komen om over u te profeteren. Er zijn genoeg blunders gemaakt waarbij mensen gingen profeteren in het vlees. Profetie hoort in de eerste plaats binnen de gemeente, waar aandacht gegeven kan worden aan het profetische woord en ook de toetsing kan volgen door andere gelovigen.

Die toetsing of beoordeling is belangrijk. Lees 1 Cor 14:29-31 “Wat de profeten betreft, twee of drie mogen het woord voeren, en de anderen moeten het beoordelen. Maar indien aan een ander, die daar gezeten is, een openbaring ten deel valt, moet de eerste zwijgen. Want gij kunt alleen een voor een profeteren, opdat allen lering en allen opwekking erdoor ontvangen. En de geesten der profeten zijn aan de profeten onderworpen, want God is geen God van wanorde, maar van vrede”.

Samengevat: als iemand zomaar na de samenkomst of elders naar u toe komt en zegt dat hij of zij een profetisch woord voor u heeft, vraag dan dit te bewaren voor de openbare samenkomst of u vraagt de leiding van Gemeente er bij te komen, indien dit mogelijk is. De Bijbel maakt immers duidelijk dat ons profeteren niet volmaakt is, eenvoudigweg doordat de mens die profeteert niet volmaakt is: “Want onvolkomen is ons kennen en onvolkomen ons profeteren” (1 Kor. 13:9)

7.Mogen alle christenen profeteren?
In de Bijbel lezen wij 1 Kor. 14:5 : “Ik wilde wel dat gij allen in tongen sprak, maar liever nog, dat gij profeteerde.” Hieruit kunnen we opmaken dat Paulus door de Geest de mensen aanspoort te bidden voor deze gave. Hij vond het goed dat alle gelovigen konden profeteren. “Want wie profeteert sticht de gemeente” (1 Kor.14:4). In 1 Kor.14:31 lezen wij : “Want gij kunt allen één voor één profeteren, opdat allen lering en allen opwekking er door ontvangen.”

Profeteren heeft dus nut want: De gemeente wordt door uw profetie opgebouwd, gesticht en vermaand. En u wordt door uw gehoorzaamheid ook gezegend, omdat God u kunt gebruiken als een kanaal van zegen.

Hier volgen enkele uitgangspunten om over na te denken:

  • Alle kinderen Gods die wederom geboren zijn en vervuld met de Heilige Geest, kunnen zich uitstrekken naar de gave van profetie (1 Kor.14:1).
  • Veracht profetie nooit, maar toetst het liever aan de Bijbel. (1 Thess. 5:20-21)
  • Onthoudt dat de boodschap van een profetie, de woorden van God kunnen zijn. Maar de profetie wordt wel uitgesproken door een mens (1 Petr. 4:11 en 1 Cor. 13:9) dus kan het onvolmaakt zijn, maar een profetie zal in ieder geval nooit tegen de Bijbel ingaan.
  • Dit is belangrijk. Meestal komt een profetisch woord als een bevestiging van wat God al in het hart heeft gelegd. Als je weet dat een profetie iets voor je betekent, handel dan in geloof er naar.
  • Soms kan een profetie, tijd en verdere leiding nodig hebben, om volledig te worden begrepen. Ga daarom nooit direct naar een profetie leven, maar leg de profetie ook niet naast je neer, maar ga er altijd mee naar de Heer en wacht tot Hij het bevestigt.

Meer weten of nog vragen, stel ze gerust, u krijgt altijd antwoord. KLIK HIER.

Geplaatst in Profetie in de gemeente | Tags: | 2 reacties

Praktische aanwijzingen en studies voor geestelijk leiders.

Meer interessante studies op: www.evangelisch-nieuws.nl

De basis van Bijbels leiderschap is altijd de roeping door God zelf, maar ook de toerusting door Zijn Geest en vanuit het Woord. En dit alles moet zichtbaar worden in een houding van liefde en dienstbaarheid aan de gemeente. De studies op deze website komen voort uit een jarenlange ervaring en tegelijk vanuit het verlangen om geestelijk leiders te helpen en toe te rusten. Tevens mag u ons altijd online om advies vragen, als u dat wilt kunt u gewoon anoniem blijven. U krijgt altijd antwoord, KLIK HIER.

 

Bijbels leiderschap – De Bijbel zegt in Rom.12:3 “Want krachtens de genade, die mij geschonken is, zeg ik een ieder onder u: koestert geen gedachten, hoger dan u voegen, maar gedachten tot bedachtzaamheid, naar de mate van het geloof, dat God elkeen in het bijzonder heeft toebedeeld.” Een groot gevaar voor leiders is hoogmoed. Het is het eerste en belangrijkste waar leiders voor moeten waken. Natuurlijk is hoogmoed een ernstig gevaar voor iedereen, maar speciaal bij geestelijke leiders.

 


Pastorale zorg in de gemeente
– De pastorale zorg in een gemeente, is feitelijk het kloppend hart van iedere gemeente. Ontbreekt het daaraan, dan raakt de gemeente al snel zijn roeping en taak kwijt, namelijk om een plaats van troost en herstel te zijn voor iedereen die daar naar zoekt. Gemeenteleiders kunnen druk zijn met van alles, maar als het belangrijkste vergeten wordt, hebben we ons doel gemist. Want, de zorg voor de mensen die nieuw binnen komen in de gemeente en vooral de zwakken onder ons, is beslist een taak met de hoogste prioriteit.

 

Stress in de bediening – Stress, lijkt wel een kwaal van de hedendaagse maatschappij, het komt steeds meer voor en helaas ook onder geestelijk leiders. Voor een deel is de oorzaak vaak heel praktisch, namelijk men heeft geen normale werkdagen. Je denkt 24 uur per dag en 7 dagen per week beschikbaar te moeten zijn en er is dan geen tijd voor ontspanning en weer opladen. Je hebt ook het gevoel dat er steeds meer van je wordt geëist, bijvoorbeeld omdat er in de gemeente te weinig mogelijkheden zijn om taken te delegeren naar anderen.

 

Leiders die zondigen – Als geestelijk leiders zondigen, wat dan? – Wij krijgen elke week veel e-mails binnen, zowel van mannen als van vrouwen, die worstelen met verslaving aan pornografie en andere zondige seksuele praktijken. Helaas komt het ook voor dat geestelijk leiders ons benaderen met een verzoek om gebed en advies over dit onderwerp. Soms worstelen ze al jaren met seksuele zonden en hebben ze hun probleem nog aan niemand durven te vertellen. Men is b.v. bang voor reputatie schade.

 

Je bediening en je huwelijk – Als een bediening van een voorganger z’n een huwelijk bedreigt gaat er iets grondig mis. Men kan zich zo laten meeslepen in alle activiteiten die er zijn, dat er geen andere zaken meer meetellen, zelfs zijn huwelijk en gezin moeten hem te vaak missen. Soms heeft hij zelf het idee dat hij feitelijk onmisbaar is en dat het dus noodzakelijk is dat hij altijd aanwezig is. Niemand kan het werk zo goed als hij. Waarschijnlijk ervaart hij het zelf als gedrevenheid, of passie, maar feitelijk heeft hij zijn bediening tot een afgod gemaakt en dit is een groot gevaar.

 

Manipulatie in de gemeente – In de huidige tijd zien we steeds weer leiders opstaan in evangelische kringen die zichzelf eerder zien als een soort manager van een groot bedrijf, dan zichzelf te zien als nederige dienaren van God. Ze commanderen en manipuleren voortdurend en leiden de gemeente alsof het een commercieel bedrijf betreft, terwijl het dat absoluut niet is. Vaak menen ze ook ‘recht’ te hebben op een hoge positie en op een daarbij behorend ‘hoog’ salaris plus, niet te vergeten, een zeer ruime onkosten vergoeding. Ze zien zichzelf als een soort directeur.

 

Geestelijk leiders zijn teamspelers – Het wordt vaak gezegd, het is voor leiders in een geestelijk werk soms erg eenzaam. Velen zijn voorzichtig met vriendschappen, buiten hun eigen vertrouwde kring en men zal zeker niet gauw eigen zwakheden toegeven aan de gemeente. Wat al helemaal gevaarlijk kan zijn, is als men behoefte heeft om problemen te delen met anderen. Met wie doe je dat dan? Je weet maar nooit wat anderen met die informatie doen en het kan ook tegen je gebruikt gaan worden. Men wil het liever allemaal zoveel mogelijk zelf uitzoeken.

 

Workaholic in de bediening – Als een bediening van een voorganger of oudste z’n gezin of huwelijk bedreigt, gaat er grondig iets mis. Het is van groot belang dit tijdig te onderkennen, zodat de schade beperkt blijft. In het algemeen kunnen we zeggen dat het ontbreken van tijden van rust en ontspanning, tot gevolg heeft dat het lichaam onvoldoende energie kan opladen. Wat bedoelen we hiermee? Mensen die leven in een sfeer van gehaast zijn, nemen meestal geen tijd voor bijvoorbeeld een goede wandeling, of om ontspannen met het gezin bezig te zijn.

 

Vrouwen van voorgangers – Deel je altijd automatisch in de bediening? In deze tijd komt het regelmatig voor dat bij de keuze van gemeente leiders, de voorkeur wordt gegeven aan een voorganger of oudste-echtpaar. Het is ook min of meer een trend geworden, dat men liever leiders-echtparen in de evangelie gemeente heeft, mannen en vrouwen die vooral elkaars gelijke zijn in de bediening. Vaak worden voorgangers- vrouwen beschouwd als een soort co-pastors in de gemeente. De man is dan de leider en de vrouw co-pastor.

 

Een Bijbelse Gemeente – De meeste plaatselijke gemeenten in ons land hebben een predikant, voorganger, opziener of een voorgaande oudste (1 Tim.5:17), wat in feite verschillende namen zijn voor dezelfde functie. Hoewel de Bijbel ook spreekt over voorgangers in het meervoud (zie Hebr.13:17), is men in ons land meestal gewend aan één voorganger per gemeente, met verschillende oudsten als medebestuurders. In principe kunnen er Bijbels gezien ook meerdere voorgangers in een gemeente zijn.

 

Conflicten in de gemeente – Soms kregen we een verzoek van een evangelie gemeente om te adviseren bij het oplossen van interne conflicten. Tegenwoordig zijn we er wat voorzichtiger mee dan vroeger. Het probleem is vaak dat de hulpvraag meestal komt, nadat men zelf al allerlei wegen heeft bewandeld om het probleem op te lossen, zonder resultaat. Het gevolg is dan vaak dat de standpunten zich gaan verharden en heel vaak heeft dit al gevolgen in de gemeente doordat mensen weg blijven uit de samenkomsten.

 

Kritiek, kan dat wel? – We krijgen er allemaal mee te maken. Iedereen staat in feite bloot aan kritiek en wel het meest geldt dit voor degene die iets doen in de gemeente. Gemeenteleiders zullen er daarom zeker mee te maken krijgen en op dit punt spreken we zelf ook uit ervaring. Welke beslissing een voorganger, oudste of welke andere gemeente leider of leidster ook neemt, er zullen altijd voor- en tegenstanders zijn. Onze ervaring is dat je het feitelijk nooit iedereen naar het zin kan maken, hoe goed je je best ook doet.

 

Tucht in de gemeente – Als christenen hebben we de opdracht om elkaar te verdragen, lief te hebben, te aanvaarden. Tot zover kunnen we daar wel wat mee, al geeft het soms ook wel wat moeite om mensen lief te hebben waar je gewoon niks mee hebt. Maar het wordt nog lastiger als we bedenken dat de Bijbel het ook heeft over vermanen, elkaar dus aan spreken op eventueel verkeerd gedrag (Rom.15:14). Dat is beslist geen eenvoudige opdracht, aangezien we vaak ook te maken hebben met bepaalde gevoeligheden.

 

Roeping, is dat nodig? – Leiderschap in de gemeente is een duidelijk Bijbels principe. Jezus Christus is het Hoofd van de gemeente, maar Hij is ook degene die zelf de leiders aanstelt, lees dit o.a. in Efeziërs 4:11,12. We moeten de toepassing gaan begrijpen van bijvoorbeeld een ‘apostolische bediening’ in leiderschap, namelijk het bereiken van een verloren wereld en het stichten van nieuwe gemeenten, alsook van leiderschap voor de plaatselijke gemeente, waar voorgangers, oudsten en diakenen nodig zijn.

 

Hoogmoed, een gevaar – Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn, want hoogmoed kan bij iedereen ongemerkt binnensluipen. Geestelijk leiders die vereerd worden, moeten waakzaam zijn. Zeg daarom nooit te snel van je zelf, helemaal niet hoogmoedig te zijn. Want meestal is het zo, dat degene die dat het hardste roepen juist hoogmoedig zijn. Laat het liever zo zijn dat anderen van ons zeggen dat we nederig zijn. Dat geldt ook voor bedieningen en titels waar we menen recht op te hebben.

 

Gemeente en democratie – Er is leiding en gezag nodig in de gemeente, maar dan wel gezag wat door God is aangesteld. De meeste plaatselijke gemeenten in ons land hebben een predikant, voorganger, opziener of een voorgaande oudste (1 Tim.5:17), wat in feite verschillende namen zijn voor dezelfde functie. Hoewel de Bijbel ook spreekt over voorgangers in het meervoud (zie Hebr.13:17), is men in ons land meestal gewend aan één voorganger per gemeente, met verschillende oudsten als medebestuurders.

 

Altijd positief zijn, klopt dat wel? – Natuurlijk, het is beslist goed en vooral Bijbels om jezelf geestelijk te voeden met positieve dingen. De Bijbel zegt het heel duidelijk o.a. in Filippenzen 4:8 “…al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenkt dat…”. Dus… wees niet te veel bezig met alles wat negatief is en afbreekt. Doe niet teveel mee met mensen die altijd maar mopperen en zuchten, dat doet ons geestelijk niet goed en het is zeker niet de wil van God.

 

Niet alle manifestaties zijn zuiver – Pas op, niet alle manifestaties zijn van de Geest van God. We krijgen regelmatig vragen over onderwerpen als vallen of rusten in de Geest, maar ook lachen en huilen, brullen, blaffen in de Geest. Het verbaast ons wel een beetje dat er kennelijk toch weinig over geschreven wordt, ook niet door bekende Bijbelleraren. Terwijl aan de andere kant de verwarring onder christenen alleen maar toeneemt. Het lijkt wel of er ook nog een soort angstcultuur om heen heerst, bang om als negatief en te kritisch weggezet te worden.

 

Plaats voor mensen die lijden – Eén van de moeilijkste vragen die ons onlangs weer eens gesteld werd is deze: ‘waarom laat God het toe dat mijn kind gehandicapt ter wereld komt’ of wat we ook hoorde ‘waarom laat God deze ziekte of dit lijden toe in mijn leven’. Daar sta je dan als predikers die in de genezende kracht van de Heer geloven. We hebben door de jaren heen met honderden mensen gebeden en ook grote wonderen gezien. Maar eerlijk gezegd gebeurde het ook dat mensen niet genazen en aan een ongeneeslijke kwaal bleven lijden of gehandicapt waren.

 

Niet alle profetie is zuiver – Kan profetie ook misleidend zijn? Er is veel onduidelijkheid over het onderwerp profetie, we krijgen daar vaak vragen over en daarom dit artikel over profeteren. Vooral tegenwoordig wordt er in bepaalde kringen veel geprofeteerd, je hoort daar in de samenkomsten nogal eens het bekende ‘zo spreekt de Heer… ‘ en dan volgt er een boodschap. Anderen zijn wat voorzichtiger en zeggen ‘de Heer bepaalde mij bij…’ en dan volgt er een boodschap of gedachte die men meent van God ontvangen te hebben.

 

Internet service voor Bijbelse adviezen

Henk en Diny Herbold

Wij hebben een speciale online internet service voor Bijbelse adviezen, voor iedereen die daarom vraagt. Bijna dagelijks mailen mensen ons en vragen ons advies vanuit de Bijbel. De service is gratis en u kunt gewoon anoniem blijven. We proberen u altijd binnen twee dagen een antwoord te sturen. Bent u dus opzoek naar advies vanuit de Bijbel? Stuur ons gerust een bericht, u kunt bij ons verzekerd zijn van strikte discretie. KLIK HIER.

Geplaatst in geestelijk leiders, gemeente, Hoogmoed, leiders, manipulatie, Namaak, pastorale zorg, Profetie in de gemeente | Tags: , | Een reactie plaatsen

Mogen christenen schulden maken? Wat zegt de Bijbel?

In onze maatschappij maken veel mensen schulden. Veel luxe goederen zoals een auto, inboedel of een grote reis worden makkelijk gefinancierd door middel van kredieten. Rood staan is al lang geen taboe meer. Schulden maken lijkt tegenwoordig normaal. Vaak gaat het ook goed, maar helaas niet altijd.

Christenen met schulden
Nu is het juist voor christenen belangrijk om verantwoord met geld om te gaan. Het is ook goed om het je kinderen zo vroeg mogelijk te leren, omdat ook zij overspoeld worden met verleidingen van deze moderne consumptie maatschappij. Kooplust kan zelfs tot een verslaving worden, die je steeds weer in de problemen brengt.

Helaas komen we ook in het evangelie werk, predikers tegen die een zeer luxueus leven leiden. Men vraagt zich in dat geval wel eens af, of het allemaal nog in redelijke verhoudingen staat tot de boodschap van het evangelie, die toch een sobere levensstijl voorstaat ( Lees 1 Tim.6:8).

Er zijn echter bekende evangelie dienaren in de wereld, die beslist leven op het niveau van een beroemde filmster. Men bezit verschillende landhuizen, bungalows, villa’s, zwembaden, landgoederen van velen miljoenen, dure auto’s, privé vliegtuigen, een luxe jacht etc. etc.. Ze weten hun publiek heel handig te bespelen, waardoor mensen soms zelfs leningen afsluiten, of hun hypotheek verhogen, alleen om een grote som geld te geven aan de evangelist. Met als gevolg, men leeft zelf in weelde, maar de mensen die hun steunen moeten soms jarenlang het geleende geld weer terugbetalen. Je kunt je afvragen of God wil dat mensen die het evangelie prediken, op deze manier rijk worden. Het is goed als dienaren van God het niet arm hebben en zich een normaal bestaan kunnen veroorloven. Maar dat is iets anders dan rijk worden, daarvoor zijn de giften van de mensen die het werk steunen niet bedoeld.

Hebzucht
Natuurlijk is niet iedereen door eigen schuld in de financiële problemen gekomen. Er kunnen allerlei oorzaken zijn waar men helemaal niets aan kan doen, zoals ziekten of verlies van werk of een faillissement.

Maar soms is het gewoon de hebzucht, waardoor we verder gingen dan we financieel konden. In ieder geval is het lenen van geld, alleen maar om meer luxe te hebben, absoluut niet wat God wil. God zegt in Zijn Woord tot ons in Rom.13:8 “Zijt niemand iets schuldig, dan elkander lief te hebben”. Daarom, we kunnen vaststellen dat alles maar te willen hebben wat ons wordt aangeboden, zeker niet naar Gods wil is. Het zogenaamde shoppen zonder echte reden, dus alleen maar om geld uit te geven, is niet de levensstijl van een wederomgeboren kind van God. Gezien vanuit Gods perspectief, kan het zelfs een zegen zijn, om niet rijk te zijn en sober te moeten leven.

Als dat niet zo zou zijn, dan zou Jezus nooit de rijke jongeling het bijzonder schokkende advies gegeven hebben, om alles maar te verkopen, zijn geld aan de armen geven en Jezus te gaan volgen. (Mat.19:21) “Jezus zeide tot hem: Zo gij wilt volmaakt zijn, ga heen, verkoop wat gij hebt, en geef het den armen, en gij zult een schat hebben in den hemel; en kom herwaarts, volg Mij.” Kennelijk stond de aardse rijkdom hem zelfs in de weg om Jezus te kunnen volgen.

Hieruit zien we dus duidelijk dat welvaart soms een verhindering kan zijn voor een kind van God. Dat betekent natuurlijk niet dat God wil dat we allemaal arm zouden zijn. Maar laten we wel beseffen dat het begrip arm of rijk  sterk afhankelijk is van onze verlangens. Hoe vreemd het ook klinkt voor sommigen, in vergelijking zijn wij hier in ons land allemaal rijk, zelfs als we naar de voedselbank zouden moeten of als we in de schuldensanering zitten. Praktisch iedereen heeft dagelijks tenminste twee maaltijden en mogelijkheden om zich te kleden. Dat is lang niet overal zo, bijvoorbeeld in Oost Europa leven bepaalde bevolkinggroepen die niet dagelijks zeker zijn van een maaltijd.

Wortel van alle kwaad
Het gevaar van onze welvaartsmaatschappij is, dat hebzucht ons leven overneemt. Alle reclames zijn erop gericht om onze hebzucht aan te wakkeren en dit is niet van God maar van satan. Vandaar dat we dagelijks gebombadeerd worden met reclames van luxe artikelen die ons leven nog meer comfort zouden bieden. Luxe wordt dan onze ‘meester’ in plaats van onze knecht en dit heeft alles te maken met de hebzucht wat op één lijn staat met de geldzucht (onbedwingbaar verlangen naar meer). De Bijbel waarschuwt: “Want de wortel van alle kwaad is geldzucht” (1 Timoteüs 6:10).

Schulden
Als u in financiële nood bent, wil God u helpen. Het maakt niet uit of het door uw eigen schuld is, dat u in de problemen bent gekomen of niet, God wil u helpen. Maar… soms moeten we eerst met onze hebzucht naar Jezus en Hem vragen ons te verlossen. Zodat we niet steeds opnieuw in dezelfde fout vallen. De Bijbel noemt het ook ‘ogenlust’ (1 Joh.2:16), dus wat we met onze ogen zien willen we hebben. Deze verlangens (lusten) brengen ons soms in de moeilijkheden en daarmee zullen we eerst moeten afrekenen. Staat dit niet meer toe in uw eigen leven, maar zet in plaats daarvan Christus in het middelpunt van uw leven. En als God u toch rijkdom geeft, verbindt uzelf aan Hem en vraag Hem u te helpen om juist tot zegen te zijn voor anderen en niet alleen voor uzelf te leven.

Het verlangen naar steeds meer te willen hebben kan zelfs de plaats van God in ons leven vervangen. Met andere woorden, in plaats van God liefhebben en Hem op de eerste plaats zetten, gaat onze liefde uit naar geld en luxe goederen en we vinden op den duur zelfs dat we er feitelijk recht op hebben. Daardoor wordt echter God uit ons leven wordt verdrongen. Jezus zei: “Niemand kan twee heren dienen… Jullie kunnen niet God dienen én de Mammon.” (Mattheus 6:24)

Het gouden kalf
De wereld van vandaag danst om het gouden kalf. Dat wil zoveel zeggen als goud, geld en macht, zijn de afgoden van deze tijd. De Israëlieten, op weg naar het beloofde land, waren aangekomen bij de berg Sinai. Daar moesten ze wachten totdat Mozes met God gesproken had op de top van de berg. De instructies moesten immers van God komen. Maar het duurde ze te lang en ze begonnen zich een eigen God te maken, een gouden kalf welke ze vereerde en waarom heen ze feest vierde. De wereld heeft ook z’n afgoden, God is een oud verhaal van vroeger. Vandaag vereert men filmsterren, voetbal sterren, machtige mannen en vrouwen die het gemaakt hebben in het leven. Veel mensen kijken met jaloerse blikken naar al die rijkdom en de satan biedt ze een kans op al die rijkdommen doormiddel van schulden maken. Men komt alleen bedrogen uit, echt geluk zit niet in luxe maar is alleen te vinden in Jezus, die ons vrede in het hart geeft en een diep geluk in alle omstandigheden van het leven. Dat is onafhankelijk van onze financiële situatie. Schulden bezorgen ons slapeloze nachten en veel stress.

Advies: Zorg daarom zoveel mogelijk vrij te komen van schulden, desnoods door een tijd sober te leven en alles op alles te zetten om vrij te komen. Zodra God ziet dat u echt wil, komt Hij u zeker te gemoed en vergeet het niet, Hij is machtig u op bovennatuurlijke wijze te helpen, op een manier die u totaal niet verwacht. Maar Hij wil eerst onze wil zien.

In hoofdstuk 2 van de brief aan de Thessalonicenzen schrijft Paulus het volgende: “Toen we bij u waren, hebben we ons dagelijks werk niet verwaarloosd en op niemands kosten geleefd. Integendeel, we hebben ons ingezet en ingespannen, dag en nacht hebben we gewerkt om niemand van u tot last te zijn”. Hieruit kun je in elk geval de conclusie trekken dat het niet verkeerd is om te werken en geld te verdienen, zodat je jezelf in het levensonderhoud kunt voorzien. Met geld verdienen is niets mis.

De Bijbel heeft een heleboel te zeggen over luiheid. Vooral de Spreuken zijn gevuld met wijsheid aangaande luiheid en met waarschuwingen voor de luilak. De Spreuken vertellen ons dat een lui mens een hekel heeft aan werk: “De verlangens van een luiaard leiden tot zijn dood, hij weigert zijn handen te gebruiken” (Spreuken 21:25); hij houdt van slaap: “Zoals een deur in zijn scharnieren draait, zo draait een luiaard zich om in zijn bed” (Spreuken 26:14); hij verzint smoesjes: “Een luiaard zegt: ‘Er is een leeuw op de weg, er sluipt een leeuw in de straten’ ” (Spreuken 26:13); hij verkwist tijd en energie: “Wie lui is in zijn werk, werkt aan zijn eigen ondergang” (Spreuken 18:9); hij gelooft dat hij wijs is, maar is feitelijk een dwaas: “Een luiaard vindt zichzelf veel wijzer dan zeven mensen met een afgewogen oordeel” (Spreuken 26:16).

Casino’s en loterijen
Casino’s zijn geen plaatsen waar kinderen Gods zich thuis zouden moeten voelen. Als dat toch zo is, dan zou men zich moeten afvragen of men wel toegewijd is aan Jezus.  In het casino wordt bepaald niet Jezus gediend, maar wel de Mammon. Men wordt ook nog heel vaak bedrogen. Het is in zo’n casino de bedoeling om met allerlei soorten marketing-trucs de gokker te verleiden om zo veel geld als mogelijk op het spel te zetten. Ze bieden vaak goedkope of gratis alcoholische dranken, wat dronkenschap aanmoedigt en het vermogen om heldere beslissingen te maken doet afnemen. In een casino is alles in elkaar gezet om de bezoeker geld in grote bedragen afhandig te maken en er niets voor terug te geven. Behalve dan een kortstondig genot van een droom die spoedig luchtbel blijkt te zijn en die uiteen spat. De kansen om te winnen zijn oneindig klein en veel mensen realiseren zich dat onvoldoende. De droom van “het snel rijk worden” is voor sommige een grote verleiding. Uiteraard geldt dit ook voor loterijen, wat ook niets anders is dan een vorm van gokken.

  • 1 Timoteüs 6:10 vertelt ons: “Want de wortel van alle kwaad is geldzucht. Door zich daaraan over te geven, zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben ze zichzelf veel leed berokkend”. Het zit dus niet zozeer in het geld zelf alswel de geldzucht, dat kan een mens beheersen en zeker aan de pokertafel of in het casino.
  • Hebreeën 13:5 zegt: ” Laat uw leven niet beheersen door geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd: ‘Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten”.

Misschien heeft u hulp of advies nodig, of u wilt anoniem uw verhaal kwijt, klik hier

 

Geplaatst in Actueel, Eindtijd, Welvaart | Tags: , , , , | 1 reactie

Komt er nog een opwekking in ons land? Hoe moeten we dat zien?

Komt er nog een opwekking aan?
Velen geloven dat de heilige Geest zijn kracht nog zal demonstreren op een nog grotere manier dan de wereld ooit gezien heeft, in de zogenaamde ‘late regen’ opwekking. Deze overtuiging is gebaseerd op de profetie in Joël 2:23b, gekoppeld aan de verzen 28 en 29.
Joël 2:23b: ‘Die zal regen op u doen neerdalen, vroege regen en late regen in de eerste maand’. Joël 2:28-29: ‘Daarna zal het geschieden dat Ik Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees: uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw ouderen zullen dromen dromen, uw jongemannen zullen visioenen zien. Ja, zelfs op de dienaren en op de dienaressen zal Ik in die dagen Mijn Geest uitstorten.’

De ‘vroege regen’ vond plaats bij de geboorte van de eerste christengemeente, lees Hand.2:17 en wij hebben dan nu nog de ‘late regen’ te verwachten, welke mogelijk zal plaats vinden vlak voor Jezus wederkomst. Over die z.g. late regen opwekking, hebben in de afgelopen jaren al heel wat mensen in ons land geprofeteerd, met name over wat God nog zal gaan doen in ons land. Ook het internet is er vol van, de ene profetie is nog mooier dan de anderen. Bekende en minder bekende predikers (c.q. profeten) zagen het al helemaal voor zich. ‘Nederland wordt opnieuw een christelijke natie, roepen ze, als we maar genoeg bidden en geloven, dan gaan we het beleven, want de grote opwekking komt eraan.’ Natuurlijk, we moeten het erkennen, we zijn niet meer zoals de eerste christengemeente in het boek van Handelingen. We hebben de zonde toegelaten en lauwheid. Nederland moet opnieuw voor Jezus gewonnen worden en weer een christelijke natie worden en dit kan alleen door opwekking. Volgens sommigen belooft God absoluut in de Bijbel, dat er zelfs nog een wereldwijde opwekking zal komen, waarin de Geest op alle mensen (vlees) zou worden uitgestort (Joël 2: 28). Maar er zijn ook weer genoeg Bijbelleraren die daar niet zo zeker meer van zijn.

Uiteraard hoop ik zelf wel op de vervulling hiervan, een geestelijke herleving zou fantastisch zijn, zeker in deze tijd van secularisatie. Maar toch moet ik ook eerlijk bekennen dat ik er ook niet meer zo zeker van ben, dat die opwekking zal komen zoals sommige mensen beweren (profeteerden) dat die zal komen. Mijn probleem is dat er teveel mensen in ons land zijn, zichzelf wat erg gemakkelijk een profeet noemen en die dan vervolgens aankondigen dat God de opwekking via hen persoonlijk, of via hun gemeente of hun organisatie zal geven.

Het wordt nog lastiger te geloven, als het gaat om buitenlandse predikers die ons land bezoeken met de speciale boodschap dat die opwekking vooral in Nederland zal beginnen. Ons land zal de toegangspoort worden voor Europa. We kunnen het nooit uitsluiten, maar tegelijk moeten we ook voorzichtig zijn met dergelijke profetieën.

Wat is een opwekking feitelijk, wat moeten we dan verwachten?
De meeste christenen zien het als een tijd van vooral grote gebedswonderen, genezingen, bevrijdingen en allerlei wonderlijke geestesuitingen. Vergelijkbaar met wat we lezen in het boek van Handelingen. Men zegt, de bediening van apostel en profeet zal met name weer helemaal hersteld worden. Daarmee doelt men op het gezag wat apostelen en profeten hadden in de tijd van Handelingen.

Maar men ziet het ook als een tijd waarop alle christelijke kerken niet alleen op zondag, maar alle dagen van de week weer helemaal vol zitten, met mensen die hongerig zijn naar de Heer. Dat zou natuurlijk fantastisch zijn. Maar het gaat nog verder, volgens velen zal ook maatschappelijk de invloed van de gemeente toenemen. Geestelijk leiders zullen om gebed en advies gevraagd worden door bijvoorbeeld regeringsleiders. Men zal zoveel invloed hebben, dat onder anderen abortus, euthanasie, prostitutie, criminaliteit of drugsgebruik nauwelijks meer zal voorkomen.

Prachtig… en natuurlijk geloof ik dat God machtig is om ons land zo te bewegen met Zijn kracht, dat in vele plaatsen en gemeenten Zijn majesteit en heerlijkheid gezien zal worden. Maar… is dit dan de opwekking die velen verwachten, dat vraag ik me af en… komt er zelfs nog zo iets als een wereldwijde opwekking of late regen opwekking? God weet het.

Ik ben het overigens eens met degene die zeggen dat God ons land in 1958 tijdens de bediening van de Amerikaanse evangelist T.L.Osborn, gezegend heeft met een heerlijke opwekking. De evangelist hield o.a. een campagne op het Malieveld in Den Haag waar tienduizenden mensen op af kwamen. De ‘revival’ die de duizenden aanwezigen daar hebben ervaren, is tot grote zegen geweest voor heel Nederland. Het is echter de vraag of wij dit opnieuw zouden moeten verwachten in ons land.

Wat verwachten we feitelijk?
De Joden in de tijd van Jezus verwachtten dat de Messias zou komen. Hij zou Israël bevrijden van de Romeinse bezetting, het koningschap van David zou hersteld worden. Welvaart en zegen zou neerdalen op Israël. Zij zouden voortaan de leiders van de wereld worden i.p.v. van een vervolgd en vernederd volk. De hele wereld zou zich verbazen over Israël en regelmatig naar Jeruzalem optrekken. De Messias zou wereldwijd heersen en er zou vrede zijn. Vrede, voorspoed, vrijheid, volheid. Dat was nog eens iets om van te dromen. Laat de Messias maar komen.

En… Jezus kwam. Hij was echter volledig anders dan hun beeld van de Messias. Ze zagen Hem wel, maar herkenden en erkenden Hem niet. Hij was arm en werd vernederd, het leek wel of Hij helemaal geen heerschappij had. “Dat kon toch nooit de Messias zijn. Hij stelt ons teleur, de echte Messias moet toch heel anders handelen en… Hij werd zelfs gekruisigd.”

Nu de vraag: Zou die opwekking waar velen naar uitzien, ons ook zo teleurstellen? Wat verwachten we van een opwekking? Denkend aan een opwekking moet ik soms denken aan hele andere dingen als waar veel christenen vandaag aan denken.

Ik denk dan bijvoorbeeld meer aan:

  • massaal zondebesef onder alle christenen en in alle kerken. Maar ook het belijden van zonde naar elkaar en een verandering in levensstijl (heiliging).
  • geestelijk leiders die elkaar en de gemeente gaan dienen, in plaats van te heersen. Manipulatie en eigen eer verdwijnt, liefde gaat winnen.
  • het verlangen naar gebed neemt sterk toe onder alle christenen. Men zoekt elkaar op, om intensiever en langduriger met elkaar te bidden.
  • een verlangen naar meer kennis van Gods Woord neemt toe, maar vooral het verlangen naar de doop en de gaven van de heilige Geest neemt toe. Gods Geest krijg weer de ruimte om te werken in ons midden ‘zoals Hij wil’ (1 Kor.12:11).
  • de kinderen Gods gaan meer een leven van overgave aan God leiden en ook een leven van eenvoud en veel weggeven; zorgen voor de armen, de weduwen, de zwakken; kortom je leven willen inzetten voor de ander.

Dat is opwekking, daar verlang ik naar. Maar… zullen er dan ook meer mensen genezen in onze samenkomsten. Ik weet het niet, maar in ieder geval zal niemand de eer kunnen opeisen van de wonderen die gebeuren. Zal armoede verdwijnen. Ik zelf denk het niet, want ook in de tijd van de eerste gemeente was er armoede, maar we zullen wel beter voor elkaar gaan zorgen (Hand.4:34). Zullen er doden opstaan, zoals vroeger is gebeurd, ik weet het niet. Maar… wat heeft dat allemaal voor zin, terwijl Jezus staat te komen. Belangrijker is dat we ons massaal bekeren en ons heiligen, want de Bijbel zegt “…zonder heiligmaking zal niemand de Heer zien” (Hebr.12:14).

God is toch machtig.
Soms word me verweten dat ik te klein zou denken van God. Hij is toch machtig ons land te bewegen en ja, natuurlijk… onze God kan alles. Hij kan de aarde bewegen, situaties en omstandigheden buigen naar Zijn wil, ik twijfel hier geen moment aan. Er zijn er ook die zeggen dat we nu al in de opwekking zitten. Dan denk ik, natuurlijk gaat het er dan om wat men van zo’n “opwekking” verwacht. Zeker, God werkt ook vandaag nog steeds met kracht in ons land. En ook in de wereld om ons heen werkt God, met name in de moslimwereld komen opmerkelijk veel mensen tot geloof, evenals in verscheidene landen in Azië, Afrika en Zuid-Amerika. Het is alsof God die landen nog een laatste kans geeft om tot Hem te komen, voordat Jezus zal weerkomen om Zijn gemeente te halen.

En absoluut, ook in Europa en in Noord-Amerika werkt God, er komen mensen tot geloof in Hem, maar dan gaat het niet om grote aantallen. En eerlijk gezegd zie ik in de Bijbel ook geen duidelijke aanwijzingen dat ons nog een grote wereldopwekking staat te wachten. Ik houd er eerder rekening mee dat de tijden moeilijker worden, dat de afval van het geloof toe zal nemen en dat de ware gelovigen het moeilijker zullen gaan krijgen.

In 2 Thessalonicenzen 2:9-12 lezen we over de wederkomst van de Heer Jezus en de daaraan voorafgaande verschijning van de antichrist. Die zal allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen doen. Hen, die verloren gaan, zal hij verlokken met ongerechtigheid, omdat zij de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij behouden hadden kunnen worden. Daarom – en ik schrijf dit op met de nodige huiver – zal God hun een dwaling zenden, die bewerkt dat zij de leugen geloven. Opdat, zegt vers 12, allen worden geoordeeld die de waarheid niet geloofd hebben, maar een welgevallen hebben gehad in de ongerechtigheid.

Maar dit is ook waar.
Sommige zogenaamde hedendaagse opwekkingen worden als echt en Bijbels gepresenteerd, hoewel ze de Bijbelse toetsing niet kunnen doorstaan. Zo gebeurd het nog steeds regelmatig, dat een belangrijk deel van evangelisch/charismatische christenen te gemakkelijk in rep en roer raken, vanwege één of andere Fire-beweging. Het genoemde gedeelte uit 2 Thessalonicenzen 2 laat zien dat een valse opwekking een oordeel van God kan zijn. Wondervoorgangers en valse predikers zullen eenmaal de vraag stellen: “Here, Here, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd en in Uw Naam boze geesten uitgedreven en in Uw Naam vele krachten gedaan?” Maar dan zal Hij hun antwoorden: “Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid” (Matt. 7:22 en 23). Ze hadden wellicht talloze volgelingen die in verbazing naar hen opkeken. Die voor hen streden en degenen die een waarschuwend geluid lieten horen, tegenwierpen: “Pas op, dat je de gezalfde des Heren niet aanraakt”.

Soms vraag je je af hoe het toch mogelijk is dat sommige mensen helemaal opgeslokt worden door één of andere leer of bediening die duidelijk niet in overeenstemming is met de Bijbelse leer. Ik vul dit heel bewust niet concreet in, maar ik wil u wel aansporen datgene waar u warm voor loopt en vol van bent, te toetsen aan het Woord van God. Staat de Heer Jezus wel centraal? Gaat het om de eer van mensen of om de eer van God? Gaat het om een leider, om zijn eer, om de zogenaamde tekenen en wonderen en om de geweldige profetieën die over zijn bediening zijn uitgesproken? Of gaat het om Jezus.

Opwekking in de grote verdrukking.
Wanneer ik de wereldsituatie en de situatie in de kerken in ogenschouw neem, houd ik er serieus rekening mee dat we weleens op de drempel zouden kunnen staan van de start van Gods oordelen die over de wereld zullen gaan, waarover onder meer Daniël en Openbaring spreken. De enige keer dat de Bijbel ons nog doet denken aan massale bekeringen is, als ik lees van de grote schare die uit de grote verdrukking zal komen. Lees het maar:

Openb.7: 9-17 “Daarna zag ik, en zie, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle volk en stammen en natien en talen stonden voor de troon en voor het Lam, bekleed met witte gewaden en met palmtakken in hun handen… En een van de oudsten antwoordde en zeide tot mij: Wie zijn dezen, die bekleed zijn met de witte gewaden, en vanwaar zijn zij gekomen? En ik sprak tot hem: Mijn heer, gij weet het. En hij zeide tot mij: Dezen zijn het, die komen uit de grote verdrukking; en zij hebben hun gewaden gewassen en die wit gemaakt in het bloed des Lams”.

Misschien zal dit de grote opwekking zijn waar velen naar uitzien, maar die komt wel in de grote verdrukking, namelijk de anti-christelijk tijdsperiode, als de oordelen van God over de wereld gaan en velen daardoor tot inzicht komen. Hoe het precies gaat worden, weet ik ook niet. Ik ga daar niet over speculeren en ik wil u ook geen paniek aanpraten, maar ik zou niet graag in die periode op aarde leven.

Tegelijk mogen we zeker weten dat de Here de Zijnen zal bewaren in dagen van grote nood. Hij zal Zijn gemeente wegnemen van de aarde voor dat die grote verdrukking aanbreekt, lees Openb.3:10, 11.
“Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen. Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme.”
Dat is mijn verwachting, naar Jezus wederkomst. Zorg dat niets u in de weg kan staan om straks met de Heer mee te gaan als Hij weerkomt om Zijn bruidsgemeente te halen.

Laten we ons vertrouwen daarom voor 100 procent stellen op Hem alleen en vooral de dingen zoeken die boven zijn, zoals Kolossenzen 3:1-3 zegt:
“Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand Gods. Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in God.”

Misschien wilt u hierover napraten? Dat kan KLIK HIER. U krijgt altijd antwoord.

Geplaatst in Bijbel, Bijbelstudies, Eindtijd, wederkomst | Tags: | 1 reactie